Vanuit dat hoofd krijgt het lichaam samenhang, en wordt het ondersteund en bijeengehouden door alle gewrichtsbanden. Ieder deel draagt naar vermogen bij tot de groei van het lichaam, dat zo zichzelf opbouwt door de liefde. (Efeze 4:16)
En laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel. (1 Petrus 2:4,5)
Het Deense bedrijf LEGO werd in 1932 opgericht door kleermaker Ole Kirk Christiansen die in de crisisjaren op zoek was naar een andere broodwinning. Aanvankelijk maakte hij houten kinderspeelgoed, maar na Tweede Wereldoorlog kwam hij in aanraking met het nieuwe materiaal plastic. “Na veel denkwerk kwam Ole Kirk Christiansen op het idee om blokjes van plastic te maken die je kon stapelen om zo bouwwerken te creëren,” zo vertelt een Deense toeristische website. Anderen beweren dat de Engelsman Hilary Fisher Page de eigenlijke bedenker van de plastic bouwsteentjes is en dat hij in 1957 zelfmoord pleegde zonder ooit enige erkenning voor zijn vinding ontvangen te hebben.
Hoe het ook zij, de naam LEGO werd in 1934 in ieder geval wél zelf bedacht door Ole Kirk Christiansen. En ook deze naam is samengevoegd uit bouwsteentjes, namelijk uit de eerste letters van de Deense woorden ‘LEG’ en ‘GODT’ (=speel-goed). Volgens genoemde website kwam men er later achter dat ‘lego’ in het Latijn ‘ik voeg samen’ betekent, maar dat schijnt wel een erg creatieve vertaling te zijn.
Dan nu mijn eigen ervaring met LEGO. Als kind heb ik dagen gespeeld met de kleine plastic bouwsteentjes. We hadden thuis een grote plastic emmer vol. Met onze eigen kinderen zijn we tweemaal naar Legoland geweest, een keer in het Deense Billund en een keer in Windsor, Engeland.
Ik wil hier geen reclame maken, maar in Legoland is werkelijk veel moois te zien. Toch ben je ook daar op een bepaald moment weer op uitgekeken en dan wil je even lekker zitten. Gelukkig kan dat ook. Op een aantal plaatsen zijn ruimtes waar je naar hartenlust zelf met lego kunt spelen. Hoe dat werkt?
Nou, je parkeert de kids aan een tafeltje en vertelt ze dat ze geen stukjes in hun mond mogen stoppen en lief samen moeten spelen. Daarna kijk je even geamuseerd toe en zoek je snel een rustig hoekje waar je zelf kunt gaan bouwen.
Werkelijk waar, de spelende ouders zie je overal in Legoland zitten. Vaak zijn ze zo geconcentreerd bezig, dat hun kinderen ongemerkt de benen kunnen nemen. Gelukkig staat er een hoog hek rond elk park. Na enig zoekwerk worden de weggelopen kinderen door hun verontruste ouders teruggevonden. Vaak bij een van die restaurants waar je patatjes in legovorm kunt eten.
De bijbeltekst bovenaan spreekt over samenhang in het Lichaam. De NBG´51-vertaling noemt dit lichaam een ‘welsluitend geheel.’ Denk daarbij niet aan eenvormige legosteentjes, maar aan unieke stenen die door de bouwer kunstig worden samengevoegd. ‘Ik voeg samen’ mag dan een rammelende vertaling van ‘lego’ uit het Latijn zijn, maar is er een betere beschrijving voor wat onze grote Bouwmeester met zijn kerk doet?
‘Als de HEER het huis niet bouwt, vergeefs zwoegen de bouwers’, zo zingt Salomo in Psalm 127. En zo is het ook met uw kerk, uw veelkleurige Lichaam op aarde. Geef ons de plek waar we perfect passen en vorm ons in uw naam tot een welsluitend geheel. Amen
Geschreven voor Preek door de week van de Meerkerk, Hoofddorp.












