De eenheid van de kerk ligt niet in haar doopvisie

101_0116“De eenheid van de kerk ligt niet in haar doopvisie maar in Jezus Christus”. Ik kwam deze woorden tegen in een prachtige studie van Ds Jelle de Kok van de PKN te Diever: “Volwassendoop en kinderdoop – Een persoonlijke worsteling, theologische overdenkingen en pastorale handreikingen”.

De Baptisten vieren dit jaar hun 400-jarig jubileum onder het motto: “Kiezen voor verbinding“.

Ik zou zeggen: breng deze leus samen ruimhartig in praktijk en ga als baptisten eens in gesprek met mensen als Ds Jelle de Kok (PKN Diever) en Ds Jan Mudde (NGK ‘Wilhelminakerk’ Haarlem).

“Het blijkt dat op welke manier men de doop ook benadert er geen waterdicht systeem van te maken is” – Ds Jelle de Kok

Lees de PDF van Ds. Jelle de Kok over twee doopvisies die “niet helemaal waterdicht te krijgen zijn” hier. De foto maakte ik onlangs bij het Haarlemmermeerse Bos – IJweg, Hoofddorp. Ik weet niet precies wat de kunstenaar heeft willen zeggen met dit beeld, maar ik zie er nu twee visies in die op hetzelfde gericht zijn en rustig naast elkaar kunnen blijven staan… Heel toepasselijk, toch? Klik op de afbeelding voor een vergroting.

29 gedachten over “De eenheid van de kerk ligt niet in haar doopvisie

  1. Het sympathieke stuk van ds. Jelle de Kok wil ik met liefde in dubbel opzicht becommentariëren. Laat ik voorop stellen dat ik werkelijk hoop dat kerken elkaar over de doop heen kunnen vinden en samen kunnen werken in het Koninkrijk van Jezus Christus.

    De argumenten die Jelle de Kok gebruikt zijn voor mij niet helemaal nieuw. Ik kwam ze eerder tegen in het boekje over doop, volwassendoop en herdoop van prof. Graafland.

    Zowel het boekje als het schrijven van Jelle de Kok gaan wat mij betreft op een paar punten mank. In beide worden enkele aannames gedaan, die wellicht uit baptistenkring afkomstig zijn, maar niet Bijbels gefundeerd. Zo goed als Jelle de Kok catechetisch dooponderwijs noodzakelijk acht, zo zeker ben ik ervan dat dit ook in baptistenkring zou moeten gebeuren. Mensen moeten ook dáár leren hun doop te verstaan.
    Ik wil hier slechts twee – belangrijke – aannames (kort) bespreken:

    1. De aanname dat gereformeerden vinden dat de doop in plaats van de besnijdenis is gekomen en baptisten niet.
    2. De aanname dat baptisten eigenlijk niet goed weten wat ze – kerkelijk gezien – met kinderen aanmoeten.

    Doop en besnijdenis.

    Natuurlijk is de doop in plaats van de besnijdenis gekomen. Dat leert Col. 2:11 ons heel duidelijk. Maar niet zoals veel gereformeerden denken: zoals eerst de jongens werden besneden, zo worden nu de kinderen gedoopt. Dan ga je voorbij aan de betekenis van de besnijdenis. Die was niet slechts een inlijving in het verbond, maar een héénwijzing naar de Christus. De besnijdenis was het wegsnijden van de voorhuid, het voorste gedeelte van het onreine lid, van een jongetje. Dat ging met bloed en pijn gepaard en gebeurde op de achtste dag.
    Op dezelfde manier is Jezus besneden toen hij acht dagen oud was. Toch lag daarin niet de vervulling van het teken. Uiteindelijk was de besnijdenis van Christus zijn bloedig weggesneden worden van de aarde als hét onreine lid van de aarde. Hij die zonder zonde was is voor ons tot het onreine lid van deze aarde gemaakt en gedood, letterlijk weggesneden van de aarde aan een kruishout en begraven om drie dagen later weer op te staan. Daarin ligt de vervulling van de achtste dag. Dat is de besnijdenis van Christus uit Col. 2:11. Ieder wedergeboren mens is door het geloof in Christus ingelijfd en is dus met Hem besneden op Golgotha. Als teken daarvan ontvangen wij nu ook de doop. Dit houdt tevens de erkenning in dat niet “de zaden” van Abraham, maar het “Zaad” van Abraham, dat is de Christus de werkelijk inhoud van de belofte was.

    Kerkelijke kinderen.

    Natuurlijk staan doop en avondmaal op één lijn. Kinderen die door geloof opnieuw geboren zijn laten zich dopen en nemen deel aan het avondmaal. Dat dit weleens anders gaat in de praktijk betekent niet dat de Bijbelse onderbouwing fout is, maar de praktijk. Over de leeftijd waarop kinderen gedoopt kunnen worden kan je verschillen, maar het moet zeker zo zijn, dat ze begrijpen wat ze doen en in staat zijn een zelfstandige keuze te maken. Persoonlijk denk ik dat de puberteit een goede afbakening vormt, waarop meerdere uitzonderingen mogelijk zijn. Voor mij horen kinderen vanaf en zelfs voor de geboorte er helemaal bij. Er is geen verschil tussen gedoopte, opgedragen of helemaal zonder ritueel aangesloten kinderen. In de kerk buigen we ons naar hen toe en proberen we in hen te zien wie Christus wil dat wij worden. Als wij weer worden als de kinderen en opnieuw geboren worden door water en geest mogen wij de doop ondergaan. Kinderen zijn bevoorrechte mensen! Niet omdat ze gedoopt zijn, maar omdat ze kind zijn.

    Er valt meer te zeggen, natuurlijk, zowel over mijn standpunt als over de argumenten van Jelle de Kok. Als eerste reactie laat ik het even hierbij. Ik schuw het gesprek zeker niet, ik beschouw iedere gelovige als mijn broer of zus in Christus, maar hecht wel erg veel waarde aan de doop en de betekenis zoals die in de Bijbel wordt gegeven.

    Simon van Groningen.

  2. Wanneer we I Kor. 1 ter harte nemen, dan kunnen we m.i. constateren dat we in de doopvisie niet één zijn.

    Een eensluidende doopvisie gaat er nooit komen. Nogal stellig, maar goed. Dat kun je wel zo realistisch stellen denk ik en die visie hoeft ook niet, zolang we elkaar respecteren en ruimte gunnen zelf keuzes te maken. Dan onderstrepen we met elkaar de innerlijke keuzes die we maken als hogere prioriteit.

    De enige keer dat Jezus over wedergeboorte sprak, was volgens mij met een Schriftgeleerde. De indruk die ik krijg rond termen als doop, wedergeboorte en vervulling, is dat het door God wordt ingegeven. Wij moeten daarin denk ik niet verbiedend, regel gevend of institutionaliserend bezig zijn, maar enkel accepterend en feest vierend. We moeten naar elkaar niet de indruk wekken dat de buitenkant en vormen zo belangrijk zijn, als wel de innerlijke keuze en beleving van de gelovige.

    Worden als kinderen is voor mij een profetische heen wijzing naar de geboorte uit Geest en water en dat is iets wat God ingeeft.

    1. Als ik jouw avatar bekijk, dan ben jij voor volwassendoop 😉

      Ik ben het helemaal met je eens dat we bovenal blij moeten zijn als mensen zich laten dopen of hun kinderen willen dopen. Het is een feestelijke gebeurtenis, los van je persoonlijke visie op dit geloofspunt.

  3. Als ik een inleiding houd op het Alphaweekend, over ‘Wat doet de Heilige Geest?’, dan heb ik het onder andere over de geboorte van iemand in het gezin van God.
    Ik vergelijk de Heilige Geest dan met een vroedvrouw die iemand als het ware door het geboortekanaal heenhelpt.

    Dat kan, net als bij onze eerste geboorte, een makkelijke of een moeizame bevalling zijn.

    Maar inderdaad, als het zover is, dan is er reden tot feest.

    Daarna mag het nieuwe gezinslid groeien en bloeien in het gezin van God en tot volwassenheid komen.

    Tijdens de Alphacursus is het onderwerp geloofsdoop of verbondsdoop geen officieel onderwerp, maar het komt toch vaak ter sprake.

    Wij, het team, nemen daarin dan geen stellig standpunt in en benoemen dat er verschillende visies zijn en dat die volgens ons geen breekpunt tussen christenen zouden moeten zijn.

    1. Ik las laatst ergens dat iemand verbaasd was over de combinatie kinderdoop en alphacursus in een kerk. Helemaal niet vreemd wanneer je bedenkt dat Alpha begonnen is in de Anglicaanse kerk (HTB London).

  4. Het gaat nu al om de discussie of we er blij mee moeten zijn. Natuurlijk zijn we blij als mensen met hun kinderen voor Gods aangezicht verschijnen. Maar dat zegt helemaal niets over de betekenis van de doop. Ik ben bang dat het toch iets van deze tijd is om “niet over de inhoud”te praten. We vinden dat blijkbaar niet alleen in de politiek. Of anders gezegd:Ook wij zijn behoorlijk politiek geworden. Waarom zou je je mening onder kerkstoelen of banken steken als die volgens jou goed en Bijbels gefundeerd is. Als ik mensen zeg dat kinderdoop ook wel aardig is doe ik het niet goed. Want naar mijn overtuiging geeft de Schrift nog veel meer reden tot feesten als mensen de bijbelse doop ondergaan. Dan is er later ook niet zo’n raar vervangend iets nodig. Vlees noch vis, doop noch belijdenis.

    1. Ik denk niet dat we onze mening over de doop onder stoelen of banken hoeven te steken. Ik meen wel dat de discussie over de doopkwestie soms zo hard gevoerd is dat het veel pijn en verdriet bij mensen heeft veroorzaakt. Je kunt zeggen dat dit een politieke benadering is (de politiek kan tegenstellingen ook enorm uitvergroten, het is maar wat je onder ‘politiek’ verstaat), maar ik spreek liever over een pastorale benadering en over het spreken van ‘waarheid in liefde’. In mijn eigen verhaal heb ik wel duidelijk gemaakt wat mijn persoonlijke geloofsweg en opvatting over de doop is, maar dat wil niet zeggen dat ik geen blijdschap kan voelen over het feit dat anderen hun kinderen laten dopen. God ziet het hart aan, daar geloof ik vast in. Omgekeerd hoop ik dat voorstanders van de kinderdoop ook blijdschap (in plaats van boosheid!) zullen voelen wanneer iemand tot het inzicht komt dat hij of zij zich door onderdompeling moet laten dopen. En na het lezen van de studie van ds. Jelle de Kok zul je mij niet horen zeggen dat de kinderdoop ‘niet bijbels’ is (dat zeg je impliciet door de geloofsdoop van volwassenen zo nadrukkelijk als ‘bijbelse doop’ aan te duiden).

    2. Wat mij betreft is het goed om over de betekenis van de doop te spreken.

      Het hangt er wel van af waar je dat doet.

      Ik noemde dat we in de Alphacursus dat onderwerp niet uitdiepen; dat past niet in de setting en het doel van de Alphacursus.

      In andere situaties wil ik er best over praten.

      Mijn visie is dan: ik ben er ambivalent in.
      Ik blijf balanceren tussen beide visies, en hel vaker over naar geloofsdoop. Toch, zoals eerder geschreven, is mijn eigen weg met God zodanig dat ik denk dat het niet goed zou zijn als ik me laat dopen.

      En ik constateer bij mezelf dat ik niet alleen naar de Bijbelse argumenten sec kijk. Al zou ik dat als gereformeerd opgevoed mens misschien wèl moeten doen 😉

      Ik kijk ook pragmatisch: ik zie Gods zegen in gemeenten waar verbondsdoop is en ook in gemeenten waar geloofsdoop is.

      1. En nog een opmerking erbij: In de gemeente van de Nederlands Gereformeerde Kerk waartoe ik behoor zijn de laatste jaren enkele mensen volwassen gedoopt, die mee dank zij de Alphacursus tot geloof zijn gekomen, een enkeling zelfs door onderdompeling.
        In ons kerkgebouw is dat laatste logistiek een hele organisatie, omdat het niet binnen kan; er staat dan buiten een doopbassin, en via een webcam kan de gemeente volgen wat er gebeurt. Dat gaat overigens heel goed.

          1. Dat klopt inderdaad.

            En nog een opmerking erbij:
            Ik heb al eens genoemd op deze blog dat mijn dochters zich hebben aangesloten bij een Baptistengemeente, vanwege hun overtuiging dat geloofsdoop bijbelser is.

            Ze vinden het dan wel weer overdreven dat ook een geloofsdoop door besprenkeling in bijv. een Hervormde of Gereformeerde kerk niet wordt erkend in de meeste Baptistengemeenten.

        1. Dat lijkt me heel mooi 🙂 Inderdaad wel alleen als het een volwassene is die nooit gedoopt is (maar da’s in een gereformeerde gemeente geen probleem). Als katholiek geloof ik dat wie zich 2x laat dopen, een heilig sacrament loochent (namelijk dat van zijn eerste doop als kind) en ik kan dat niet anders zien dan als zware zonde 😦

          Trouwens, ik heb wel eens gehoord dat het onderdompelen, hetgeen in het Midden-Oosten en Zuid-Europa wel gewoonte was, is vervangen door dopen door besprenkelen toen het christendom in meer noordelijke contreien kwam. Vanwege de temperatuur … Als ik zo lees over een doopbasin buiten, dan denk ik daar gelijk weer aan … Brrr 😉

  5. De terechtwijzing dat ik niet het woordje “bijbelse doop” moet gebruiken is correct. Ik zie even niet hoe ik het kan veranderen, maar ik neem het terug. Dat is inderdaad monddood maken van de ander. Ik wil me zeker niet in een bastion opsluiten en de ander beschieten vanuit mijn zekerheden. Veel beter is het gesprek aan te gaan en dat wil ik heel graag. Ik wil dat zo graag omdat ik veel belang hecht aan de gelovigen-doop en denk dat mensen hun doel voorbijschieten als ze menen met de kinderdoop op het rechts spoort te zitten. de zegen van de gelovigen-doop is steeds weer heel groot aanwezig. Daarom! En over pragmatisch gesproken. Ik zie wereldwijd ook zegen bij het Leger des Heils, waar helemaal geen doop en avondmaal wordt gepraktiseerd. God is niet gebonden en zeker niet aan onze tradities. En natuurlijk ziet God het hart aan. Hij zal er – denk ik – ook niet boos van worden. Maar we doen onszelf te kort als we zijn cadeau niet uitpakken. Zijn cadeau is voor elke gelovige..de doop.

  6. Paul,

    Ik loop wat achter met mijn reader, vandaar dat ik nu pas reageer. Wat een bijzondere blog en ook bijzondere reacties! Ik zie daarin een groot verlangen tot overbrugging van eeuwenlange verschillen die tot veel pijn heeft geleidt. Zelf ben ik grootgebracht in de GKv, en dus al kind gedoopt. Een geweldig symbool van Gods liefde voor mij: Al voordat ik bestond, kende Hij mijn naam. Ik ben 45 jaar later, samen met mijn vrouw, een reis begonnen op zoek naar ‘meer’. In de periode zijn wij erg genuanceerd over de doop gaan denken. Paul, je verwoordt in jouw blog en reacties veel van ons standpunt.
    Een van de stations op deze reis was het helaas verlaten van de GKv. In deze gemeente waren in de loop van de jaren tientallen brs en zrs ons voorgegaan. In het merendeel van de gevallen leidde dit tot volwassen ‘overdoop’ in een baptisten- of evangelische gemeente. Sommigen uit de volle overtuiging dat Jezus dit van hen vroeg. Maar er waren ook anderen die dit punt (deze eis) voor lief namen om maar lid te kunnen worden van de nieuwe gemeente.
    Ook wij hebben voor die keuze gestaan. Wij zijn tot de slotsom gekomen dat wij, als wij ons toen zouden hebben laten dopen door onderdompeling (DO), dit niet zou zijn geweest uit overtuiging, maar uit de wens om toch maar volwaardig lid van de gemeente te kunnen worden. Hier komt de (onze) pijn uit die hoek naar voren: Je telt pas voor vol mee wanneer je je laat dopen DO. Uiteindelijk zijn wij lid geworden van een zelfstandige gemeente in de buurt van onze woonplaats. Oorspronkelijk voortgekomen uit de PKN is het een gemêleerd gezelschap ‘van vrolijk pinkster tot orthodox gereformeerd’. Wat betreft de doop kent de gemeente het standpunt dat je voor je eigen geweten ten volle overtuigd moet zijn van wat Christus van je vraagt. In het afgelopen jaar hebben we dan ook alle vier de uitingen van Gods belofte en jouw antwoord daarop mogen meemaken: Kinderen die werden gedoopt en kinderen die werden opdragen. (Jong)volwassenen die belijdenis deden en zij die de doop DO ondergingen. En we hebben afgesproken dat dit binnen de gemeente geen punt van discussie meer is. We kunnen een heel stuk energie nu op andere, meer noodzakelijke, gebieden inzetten.
    Veertien dagen geleden werden wij opnieuw opa en oma. Komende zondag wordt ons kleinkind gedoopt, omdat zijn ouders (lid van een andere gemeente) getuigen dat het Zijn kind is. Geweldig is het om dat te horen en mee te maken!
    Enige weken geleden gaf onze jongste dochter aan dat ze publiek wilde getuigen dat Jezus Christus haar Verlosser en Redder is. Als kindgedoopte mocht ze zelf kiezen op welke manier ze dat wilde doen. Komend voorjaar zal onze jongste (bijna 15 jarige) dochter haar geloof publiek belijden door het ondergaan van de doop door onderdompeling. Geweldig is het om dat te horen en mee te maken!

    Zie ook http://www.christengemeentebuitenpost.nl

  7. Goedemorgen,

    Via twitter kwam ik op deze discussie terecht en de doop is iets waar ik de afgelopen weken extra aandacht aan mocht besteden, omdat wij als huisgroep twee bekeerlingen hebben, die wij op 6 december aanstaande mogen dopen in het Zwembad “de Lier” op het terrein van Noorderhaven te Julianadorp. Aanvang 10 uur, mocht u er bij willen zijn 😉

    Nu, naar aanleiding hiervan dus nagedacht over de doop en kwam tot de volgende uitwerking van een deel van de preek:

    – Naar een Bijbels model

    In 1 Timotheüs 3:15 wordt de gemeente met het “Huis van God” vergeleken. Een huis moet altijd volgens een bepaald bestek gebouwd worden, een bestek dat we in de Bijbel kunnen vinden.

    Zoals Mozes de Tabernakel (het huis van God) naar het hemelse model, dat God hem toonde, moest bouwen (Exodus 25:8,9,40) en zich daarbij ook aan alle details hield, zo behoren wij zijn voorbeeld te volgen en op dezelfde wijze aan de gemeente te bouwen. Tegenwoordig hebben velen het bijbelse model voor de gemeente verlaten en zijn naar eigen ideeën te werk gegaan. Hierdoor zijn veel tradities de gemeente binnen geslopen die geen bijbelse grondslag hebben. Een gevolg hiervan is het grote misverstand over de doop.

    De Here Jezus heeft aan de gemeente twee verordeningen gegeven, namelijk het Heilig Avondmaal en de Doop. De protestantse kerken noemen deze verordeningen “sacramenten” wat betekent: “Door Christus ingestelde handelingen, waardoor ons door bemiddeling van aardse tekenen, hemelse gaven gegeven worden.”.

    Dit is echter niet juist! Er wordt ons in deze sacramenten niets gegeven. Ze zijn een beeld, een getuigenis, van iets dat al gegeven is, of van iets dat zich reeds voltrokken heeft.

    Het zijn dus ook geen ”genade bemiddelende krachten”, zoals de Rooms Katholieke Kerk dit leert. (Latijn: Ex opere operato – concilie van Trente)

    De Bijbel leert ons niet, dat we via deze sacramenten iets ontvangen maar dat we door gehoorzaamheid aan zijn inzettingen door Hem gezegend zullen worden.

    De instelling van de doop

    De Here Jezus heeft de doop zelf ingesteld. Hij gaf voor zijn hemelvaart de opdracht: “Gaat dan henen, maakt al de volken tot mijn discipelen en doopt hen in de naam des Vader en des Zoons en des Heilige Geestes en leert hen onderhouden al wat Ik u bevolen heb.”. (Mattheüs 28:19)

    – De Nieuwtestamentische praktijk van de doop.

    Op welke manier werd gedoopt?
    In de Bijbel vinden we alleen de doop door onderdompeling. Ook in het Oude Testament komen we de doop door onderdompeling tegen. Wanneer Naäman van Elisa de opdracht krijgt om zich zeven maal in de Jordaan te dopen, dan zien we ook, dat hij zich daadwerkelijk zeven maal in de Jordaan onderdompelt. Dopen betekende voor Naäman kennelijk onderdompelen. (zie 2 Koningen 5:10-14 Staten Vertaling)

    In het Nieuwe Testament wordt steeds het woord “Baptistzo” gebruikt, hetgeen letterlijk “onderdompelen” betekent. De doop der onderdompeling komen we dan ook veelvuldig in het Nieuwe Testament tegen.

    “Johannes doopte te Enon bij Salim, omdat daar veel water was” (Johannes 3:23 ) Voor besprenkeling heb je niet veel water nodig!

    “En terstond, toen Hij uit het water opsteeg…”(Marcus 1:9) We zien het voorbeeld van de Here Jezus Zelf, die zich door Johannes in de Jordaan liet dopen door onderdompeling.
    “…beiden daalden af in het water, zowel Filippus als de kamerling, en hij doopte hem.”(Handelingen 8:38)

    De vroege kerkgeschiedenis vermeldt ons, dat deze vorm van dopen gedurende de eerste drie eeuwen van de kerk gehandhaafd werd.
    Pas na de bekering van de Romeinse keizer Constantijn de Grote, waarmee een einde kwam aan de christenvervolgingen, ging men geleidelijk over tot de doop der besprenkeling.
    De christenen werden nu niet meer vervolgd, ze werden juist met respect behandeld, zodat het vele voordelen met zich meebracht om christen te worden.
    U begrijpt wel dat dit leidde tot een uitholling van het christendom. Iedereen die in het christelijke rijk van Constantijn de Grote geboren werd was door zijn geboorte automatisch een christen en behoorde dan ook gedoopt te worden.

    Hiermee ontstond de massale zuigelingendoop met daaropvolgend, om gezondheidsredenen voor de zuigelingen, de besprenkeling.
    In de fundamenten van de oude kerken zijn nog steeds de doopvonten terug te vinden die gebruikt werden vóór bovenstaande ontwikkeling.
    Het gaat hier om een doopvont in de vorm van een kruis, waarbij in de beide dwarsbalken trappen aangebracht zijn.
    Bij de doop werd het kruis, dat in de rotsen uitgehouwen was, vol water gezet, waarin de dopeling via de ene trap in het kruis afdaalde om vervolgens gedoopt te worden en via de andere dwarsbalk het kruis te verlaten.
    Een prachtig mooi beeld waarin aangegeven wordt dat we met Christus gekruisigd en opgestaan zijn.

    Toen het symbool van de doop vervangen werd door de besprenkeling, is ook de betekenis van de doop veranderd.

    Door het symbool van de doop door onderdompeling laat de dopeling zien met Christus begraven en in nieuwheid des levens opgestaan te zijn.
    In Romeinen 6:4,5 wordt aan de doop deze betekenis gegeven: “Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat, gelijk Christus uit de doden opgewekt is door de majesteit des Vaders, zo ook wij in nieuwheid des levens zouden wandelen. Want indien wij samengegroeid zijn met hetgeen gelijk is aan zijn dood, zullen wij het ook zijn aan zijn opstanding.”.

    Niet in de besprenkeling maar juist in de doop der onderdompeling wordt deze gebeurtenis zichtbaar gemaakt. Door verandering van dit symbool is de betekenis van de doop ook veranderd. Omdat men meent dat de kerk de plaats van Israël ingenomen heeft wordt de doop nu gezien als de besnijdenis en toetreding tot de kerk, Gods huidige verbondsvolk, waarbij niet alleen de jongetjes maar ook de meisjes besneden (gedoopt) worden.

    Wanneer werd gedoopt?

    Ook de volgorde van dopen vinden we in Gods Woord terug. “Wie gelooft en zich laat dopen zal behouden worden.” (Marcus 16:16)
    In Handelingen 2:38 lezen we: “Bekeert u en een ieder van u late zich dopen.”
    Het antwoord van Filippus aan de kamerling uit Ethiopië op de vraag om gedoopt te worden was heel duidelijk: “Indien gij van ganser harte gelooft is het geoorloofd.” (Handelingen 8:36-38)

    Uit bovenstaande voorbeelden blijkt duidelijk dat de doop door het geloof voorafgegaan werd.
    De zuigelingendoop kan ook niet gerechtvaardigd worden uit de geschiedenis die we in Handelingen 16:31-33 tegenkomen, waarbij we lezen dat de gevangenbewaarder van Filippi zich, met zijn gehele huis, liet dopen.
    Ook hier hebben we eerst te maken met de verkondiging van Gods Woord, het geloof in de Here Jezus met daaropvolgend het besluit om zich te laten dopen.

    De uitdrukking “zijn gehele huis” wil nog niet zeggen, dat er zuigelingen bij behoorden. Ook de slaven en dienstknechten behoorden bij zijn huis. Een vermoeden dat bij “zijn gehele huis” ook zuigelingen aanwezig waren vormt een hele zwakke basis voor de praktijk van de zuigelingendoop.

    De betekenis van de doop

    In 1 Petrus 3:18-22 wordt de doop vergeleken met de redding van Noach en zijn gezin tijdens de zondvloed. Zoals Noach in de ark door het water heen gered werd, zo is de doop een beeld van de redding in Christus door het water (een symbool van de dood) heen.

    De doop spreekt van het sterven en begraven worden met Christus om daarna met Christus in een nieuw leven op te staan.
    Men laat uiterlijk zien, wat zich door het geloof reeds innerlijk voltrokken heeft. Verder laat 1 Petrus 3:21 ons zien, dat de doop “een bede is van een goed geweten tot God”.
    Dit heeft met gehoorzaamheid aan God te maken.
    Er is hierbij geen sprake van de zogenaamde ”wederdoop” want er is maar één doop.
    Men is besprenkeld of gedoopt, maar niet twee keer gedoopt.

    Gods rijke zegen,
    Peter

    PS: ik schuw het niet om gecorrigeert te worden, als het op een Bijbelsfundament gebeurt!

  8. Hierbij een korte reactie van mijn kant.
    Het stuk over de doop heb ik geschreven omdat ik merk dat er telkens weer verdeeldheid over ontstaat. Het doet mij zeer als mensen daar ruzie over maken of elkaar over veroordelen. Zelf ben ik jarenlang ’s morgens naar de gereformeerde kerk en ’s avonds naar de baptistenkerk gegaan. En in beide gemeentes ervoer ik Gods zegen en nabijheid. Opvallend is dat er vanaf de baptistenkant zoveel begrip was voor mijn situatie en dat ze zeiden dat het niet om de doop ging, maar om het geloof in Jezus Christus. Dat heb ik altijd meegenomen. En die liefde wil ik altijd weer uitdragen naar al mijn broeders en zusters die worstelen met vragen over de doop. Natuurlijk kies ik wel positie in het doopstuk omdat ik vind dat je eerlijk moet zijn over waar je staat. Maar het is niet positie kiezen om een ander te kort te doen of te minachten. Het is positiekiezen om van daaruit tegen de ander te zeggen: ook al hebben we een verschil van visie, de liefde van Christus verbind ons. De doop door de Geest maakt één. Dat is mijn ervaring en die van velen over de hele wereld. Eigenlijk heb ik het stuk over de doop geschreven om te laten zien dat het niet om het teken van de doop gaat, maar om dat wat de doop uitbeeld: de doop in Christus, het afsterven met Hem en het opstaan tot een nieuw leven, Gods genade en liefde in Hem betoond en door het geloof werkzaam in ons door de Heilige Geest.
    Ik hoop dat in een toekomst er meer begrip zal zijn over en weer. En dat begrip heeft alles te maken met liefde voor die ander en respect voor de worsteling om Jezus te volgen.

    Ik hoop dat de studie die ik geschreven heb daar aan mag bijdragen

    ds Jelle de Kok

  9. Ik zie nu twee dingen gebeuren: Polarisatie en “beroep op integriteit” Aan polariseren doe ik liever niet mee, de integriteit van broers en zussen trek ik niet in twijfel. Mijn reactie op het stuk van Jelle de Kok is denk ik helder genoeg en zijn reactie daarop ook weer. Wat mij betreft: We zien elkaar staan, respecteren elkaar en denken er verschillend over. Op dat laatste nog één toelichting: we moeten dat niet willen verdoezelen met een hoge mate van integriteit en empathie. Ik merk beslist een terughoudendheid om over de inhoud te spreken.

    1. Natuurlijk, Simon: een goede dialoog moet inhoudelijk zijn. Maar juist op dit punt zijn er vaak stevige monologen gehouden, zonder al te veel begrip voor de traditie en overtuiging van anderen. Ik begrijp dus die terughoudendheid wel en waardeer deze ook. Voor je het weet sta je weer lijnrecht tegenover elkaar en geldt alleen nog het grote eigen gelijk / de enige juiste bijbelinterpretatie. Daar wil ik graag voor waken. Ik vind overigens dat er heel wat inhoudelijke ideeën uitgewisseld worden, we hebben het niet alleen over de vorm, toch?

  10. Jelle de Kok schreef:
    “maar om dat wat de doop uitbeeld: de doop in Christus, het afsterven met Hem en het opstaan tot een nieuw leven, Gods genade en liefde in Hem betoond en door het geloof werkzaam in ons door de Heilige Geest.”
    Dat klopt wel en is heel mooi. En met werkelijk alle liefde en respect vraag ik dan toch: Is dat van toepassing op baby’s?

  11. @Simon: ja. Niet in de zin dat hem/haar dat al gegeven ís, maar wel in de betekenis dat God hem/haar dat wil geven. De doop beeldt Gods naar ons en onze kinderen uitreikende hand uit.

  12. @ Harco. Die liefde van God gaat volgens Johannes 3:16 uit naar de hele wereld, ook zonder doop. Ik vind het heerlijk om kinderen op te dragen, ik vind het van belang dat ouders hun kinderen leren (vooral door daden!) dat God ze liefheeft! Ik begrijp best dat niemand dat afhankelijk maakt van de doop. Zo komt het op buitenstaanders wel over. Het wordt toch gezien als een inwijdingsritueel. Nu zou dat prima zijn als God dat voor zou schrijven, maar dat doet hij niet. Waarom nu – door mij – zo “hameren”op de doop? Het is een door God (Jezus Christus) gegeven instelling. Daar moeten we serieus mee omgaan. Niet volgens onze postmoderne bril:het maakt niet uit, als je het maar als waar ervaart! Ik snap best dat mensen moe worden van de discussie, al die eeuwen lang, maar vergeet niet dat veel mensen hun léven hebben gegeven voor deze overtuiging. Natuurlijk blijf ik respectvol. Als iemand zijn kinderen laat dopen, geef ik hem de broer/zuster hand en wens hem veel zegen! Maar dat neemt niet weg dat het soms heel nauw komt met de dienst aan God. Er zijn Bijbelse voorbeelden te over die wij niet appreciëren, maar die wel waarheid zijn.

  13. @Simon. Gods liefde gaat wel naar iedereen uit, maar hij sluit niet met iedereen een verbond. Overigens hameren verbondsdopers om dezelfde redenen als jij zo hard op de doop. Dus daar komen we niet zoveel verder mee. 😉

  14. Ik denk er anders over. Waar wordt de doop een teken van een verbond genoemd? Waarom zouden kinderen dat teken moeten hebben. Waarom mogen dan alleen kinderen van gelovige ouders dat teken ontvangen? (want geloofd moet er worden, toch?) (CITAAT) ” De doop beeldt het af: onderdompelen, dood gaan, weer levend worden. Uiteindelijk wordt iedereen die gedoopt wordt weer even baby bij God. Net als Marit, helemaal voor je laten zorgen, je alles laten geven. Het echte werk, dat doet God voor je, dat heeft Jezus al lang voor je gedaan, zowat tweeduizend jaar geleden. Jij mag er uit leven en het doorgeven. Geen soldaat in een leger, maar koerier van de koning: hij maakt ons vrij.

    Goed, nog even nadenken dan. Zie Jezus maar weer even staan tussen zo’n groep crèche-kinderen, Marit erbij. Hij zegent ze: welkom bij mij, ik wil jouw leven in bloei zetten. ” (EINDE CITAAT). Maar nu het crechekindje wat er vandaag alleen maar was om het feest mee te vieren, maar wiens ouders niet gelovig zijn, maar ruimdenkende islamieten…mag kleine Hassan er ook bij horen? Volgens Jezus wel, maar in de kerk niet, althans niet door de doop.

    Dat tekent m.i. de onmogelijke gedachte van de kinderdoop. Overigens vind ik dergelijk preken niet direct een theologische onderbouwing, meer een liefelijke toepassing.

  15. Het gaat er IMHO niet om of de Bijbel iets op een bepaalde manier letterlijk omschrijft zoals wij het noemen. In de Bijbel staat wel meer niet, wat wij wel zo noemen of doen. Dat de doop het teken van het verbond is, is een rode lijn die je uit de Bijbel kan halen en ja, losse teksten citeren en daar een bepaalde praktijk aan ophangen is dan altijd ‘makkelijker’. Het is de vraag of het ook Bijbels zuiverder is.
    En alleen kinderen van gelovige ouders mogen dat teken ontvangen, omdat God geen verbond sluit met losse individuen maar met mensen die in bepaalde (gezins-)verbanden leven. Het gaat Hem om de gemeenschap, en dus sluit Hij dat verbond met de ouders én (daarbij ingesloten) hun kinderen. Die dat verbond bij het volwassen worden vervolgens uiteraard wel zelf moeten ‘bekrachtigen’ door oprecht geloof.

Zeg iets terug op Vrijspraak

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s