Is de droom uiteengespat?

Een blauw vakje – meer niet. Wat heeft het voor zin om er naar te staren? Soms moet je geen genoegen nemen met wat je in één oogopslag ziet. Soms moet je even verder kijken. Klik op de afbeelding hiernaast en ontdek dat de lucht niet leeg is, dat de droom niet uiteen is gespat…

Het is hemelvaartsdag. Een vrije dag voor Nederlanders – voor veel mensen betekent dat lekker uitslapen, een dagje rustig aan doen, klussen in of rond huis, of gezellig ergens naar toe. Prachtig, we zijn vrij om te leven, te werken, plezier te maken, te slapen en te dromen.

Vandaag denk ik, als struikelende volgeling van Jezus, aan het vertrek van onze Heer. Dat is gek, want ik heb Jezus nooit met mijn eigen ogen gezien en ik kan niet met heimwee terugdenken aan de dagen dat wij samen op een bergtop zaten. Evenmin kan ik alle ongelofelijke genezingen, schitterende verhalen en spannende confrontaties in mijn herinnering oproepen. Ik ben er namelijk niet bij geweest, ik heb bijna alles van horen zeggen.

Onzichtbare draagkracht

Een luchtballon stijgt naar de hemel door middel van gebakken lucht. Je gaat in een mand zitten, laat de brander z’n werk doen en met verbazingwekkende snelheid kom je los van de grond. De verhitte lucht in de ballon zorgt  voor draagkracht, de wind voor verplaatsing. Je weet wel waar je opgestegen bent, maar je hebt niet meer dan een vaag vermoeden als het gaat om de plaats van aankomst.

Geloven is gekkenwerk. Je kunt niet drijven op niets en voortgestuwd worden door onzichtbare krachten. Ballonvaren is ook waanzin – zo op het oog kan het niet, maar in praktijk blijkt dat het heel goed mogelijk is.

Er moet iets anders gebeurd zijn

Jezus die op een bergtop staat, z’n armen uitspreidt en loskomt van de grond. Hij spreekt z’n famous last words en verdwijnt langzaam uit zicht, z’n vrienden verbijsterd achterlatend. Kom op, laten we eerlijk zijn, het is een waanzinnig verhaal. Als Jezus echt langzaam opgestegen zou zijn en als een luchtballon naar de bovenste lagen van de atmosfeer zou zijn gegaan, dan zou hij daar ernstig in de problemen komen, om nog maar niet te spreken over de dampkring en de ongemakkelijke, oneindige ruimte die zich daarbuiten bevindt. Er moet iets anders gebeurd zijn, maar wat?

Afscheid nemen van geliefden doet pijn, ik hoef het je misschien niet te vertellen. Wat mooi als je bij een afscheid nog de kans krijgt om liefdevolle, bemoedigende laatste woorden te horen. Dit zijn de woorden die je in je hart bewaart, de indrukken die je de rest van je leven vasthoudt. Deze beelden blijven bij je, je put er troost en moed uit en je hoopt op een weerzien, ooit, ergens daar boven.

Ik, postmodern mens, heb moeite met een hemelvarende Messias. Maar dat is mijn probleem, niet het Zijne. Het is moeilijk te geloven, zeker als je er niet zelf bij hebt gestaan. Maar de mensen die er wel bij stonden, zijn niet gedesillusioneerd afgedropen. De Galilese mannen, de beste vrienden van Jezus, hebben niet hun oude ambacht opgepakt en hun mooie herinneringen opgeborgen. Hun droom is niet als een zeepbel uiteengespat. Hoe kan dat?

Of toch niet?

Trek je conclusies niet te snel, het leven is misschien wonderlijker dan je denkt. Als je een volgeling van Jezus was, dan liep je in die tijd groot gevaar. Het was veiliger om weer ‘gewoon joods’ te zijn en netjes in het gareel te gaan lopen. Maar dat gebeurt niet. Aan het eind van Jezus ‘aardse loopbaan’ haken steeds meer vrienden af. Uiteindelijk staan er nog een handvol volgelingen en geliefden aan de voet van het kruis – de rest houdt zich schuil of staat op veilige afstand. Daar eindigt het verhaal, daar sterft de droom.

Of toch niet? Denk na! Mensen getuigen van een levende Jezus die zij met eigen ogen hebben gezien, met eigen handen hebben aangeraakt. Dezelfde mensen trekken de wereld in om te vertellen over hun levende Heer. Zij maken verschrikkelijke dingen mee, worden bedreigd, gehaat en geminacht. Maar hun droom laat hen niet los. Ze gaan onvermoeibaar door en blijven bij hun verhaal. Velen van hen geven letterlijk hun leven, vraag je af waarom… Voor een collectieve zinsbegoocheling? Geloof je dat zelf?

Tweeduizend jaar later. In het Nederlandse plaatsje Hoofddorp tikt iemand woorden op een beeldscherm. Hij heeft Jezus nooit gezien, maar hij gelooft in de droom en houdt vast aan het verhaal. Zeker, er zijn mensen die hem voor gek verslijten. Maar het kan hem niet schelen – hij weet dat alleen de gebakken lucht van het geloof een ballon omhoog stuwt en hij ervaart dat de wind van de Geest een kracht is waar je beter niet mee kunt spotten. Hij gelooft nog altijd dat het waar is. Hij gelooft niet dat mensen blijven vertrouwen op een verhaal dat als een zeepbel uiteen is gespat. Hij kijkt naar de hemel en weet dat zijn Heer niet zichtbaar is. Maar hij gelooft in Jezus’ hemelvaart en hij vertrouwt op de woorden die hemelse boodschappers aan de starende vrienden meegaven:

Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Jezus, die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie hem naar de hemel hebben zien gaan.’ Handelingen 1:11

Deze Hemelvaartoverdenking is mede geïnspireerd door een televisieuitzending van ds. Arie van der Veer vanochtend. In deze uitzending ging de dominee met weerman Reinier van den Berg omhoog in een luchtballon. Dat deed me weer denken aan een overdenking die ik op Vrijspraak schreef in september 2008 – zie hier

3 gedachten over “Is de droom uiteengespat?

  1. Het doet me goed om dit stukje te lezen.
    Veel mensen in mijn omgeving keren zich (helaas) van het geloof af. Ik kom zelf ook bijna nooit meer in de kerk, maar ik blijf wel vertrouwen op de terugkeer van Jezus. Al heb geen flauw idee hoe dat gaat gebeuren.. Ik zie het niet zo letterlijk voor me zoals het in de bijbel beschreven staat. Ik vat bijbelverhalen meer symbolisch op.
    Dank je voor het delen,
    groeten,
    Tine

  2. En ik ben blij met die tikker in Hoofddorp, met wie ik de gebakken lucht mag delen. De droom die uit het oog is, maar het hart blijft omvatten. Voor veel mensen is gisteren de droom van toekomst uiteengespat met het overlijden van familie, naasten, vrienden, collega’s en verenigingsgenoten. Een bittere hemelvaart. Ik wens al die mensen in hun verdriet, onbegrip en leed, de armen toe die ze nodig hebben en troostende aanwezigheid. Hij is weg, maar Hij is er. Maar ook in die diepe ellende is de hemel tóch dichtbij.. misschien moeten wij inderdaad niet naar boven staren, maar die armen, die aanwezigheid zijn….
    Dank je wel, Paul.

  3. Het wordt me steeds meer duidelijk. “Hier beneden is het niet”. Eergister maakte ik met een vriend een lange wandeling over de Hilversumse heide. We spraken ondermeer over scheiding en verlies. Leven is verlies lijden. Alleen als de dood overwonnen is, is er hoop. En dan nog, eeuwig leven op aarde is uiteindelijk als een hel. Kom op broeders en zusters, laten we naar de Hemel gaan, Jezus achterna, want “hier beneden is het niet”. Ik vind er in ieder geval vaak niets aan.

Zeg iets terug op Vrijspraak

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s