Maar waar zijn de mannen?

Gisteren plaatste ik op dit blog een ode aan de vrouw. Overal waar wij tijdens onze reis voor Compassion in Ethiopië kwamen, zagen wij hoe vrouwen voor hun kinderen zorgden. En zij zorgden ook voor ons – in het hotel, in de scholen in de kleine krotjes waar ze met hun kinderen – en soms met oma – sliepen op één tweepersoonsbed. Ze zaten op kleine krukjes om perfecte koffie te maken (jammer dat men er dan 4 scheppen suiker bij gooit) en kwamen langs met dienbladen vol popcorn, koekjes en geroosterd graan. Dienstbaar, bescheiden en vol goede zorg. De Ethiopische vrouw verdient een standbeeld.

Het kriebelt en het jeukt

Maar moeten we echt blij zijn met deze rolverdeling? We kregen goedbedoelde presentaties te horen van mannen die ons tot twee cijfers achter de komma wilden vertellen dat zij op een zeer verantwoorde wijze met de hen toevertrouwde middelen omgaan. Het bezoek van mensen uit sponsorlanden wordt duidelijk op prijs gesteld en ik kan best begrijpen dat men een goede indruk wil maken. Maar toch, het kriebelt en het jeukt. Waar heb ik last van? Van een culture shock – ook op dit gebied.

Wij vinden het al zo gewoon dat vrouwen in de regel waardering en gelijke kansen krijgen dat we vergeten dat dit lang niet overal het geval is. En ook het gevoel dat ik een witte koloniale zendeling was drong zich steeds aan mij op. Maar dat ben ik niet! In ieder geval niet op de klassieke manier: “Wij hebben een woord voor de wereld en zullen dat met alle middelen aan jullie opdringen”. Ik kwam om geraakt te worden, te kijken, te horen, te leren. Maar ik kan er niet omheen: ik miste de mannen. Ja, ze waren er – ze gaven (vaak op voortreffelijke wijze) leiding aan de kerken en scholen die we bezochten. We werden begeleid door Ethiopische gidsen en rondgereden door locale chauffeurs die ons in hun Toyota-busjes door het chaotische verkeer naar onze bestemming brachten. Geen van ons had op die manier onze weg kunnen vinden door de straten van Addis, of over de landwegen naar Nazareth en omgeving. Ik moet dat maar voor ogen houden: onze omgangsvormen zijn niet hun omgangsvormen, onze (sociale) verkeersregels zijn niet hun (sociale) verkeersregels. In Ethiopië rijdt men rechts en krijgt men vanaf links voorrang. Ik bedoel maar.

Ik word boos op die kerels

Waar zijn de mannen? Ik heb alleen jongens gezien in de krottenwijken. Steeds waren het de tieners die de man in huis waren. Trotse moeders die ons vertelden dat hun zoon het anders zou doen en dat dit nu al te merken was. Prachtig. Maar ook: wat dramatisch dat je als jongen van 13, 14 al zo’n zware taak op je ranke schouders krijgt. En ik kan het niet helpen, ik word boos op die kerels die prachtige vrouwen met schitterende kinderen laten zitten in een absolute vuilnisbeltomgeving. Waren ze goed genoeg om een mooi meisje zwanger te maken maar niet mans genoeg om een echtgenoot, een vader te zijn? Ben ik te hard in mijn oordeel?

Waar zijn jullie?

Ik weet het niet. Nog steeds niet. Het is te gemakkelijk om de mannen de volle laag te geven. En er lijkt alle reden toe. Ik zie ze niet. Ja, in de kerk – ze preken als tijgers, ze zien er uit als krijgers. En laten we hopen dat dit de goede mannen zijn, de herders, de vaders, de mentors, de leraren, de strijders voor hun vrouwen en kinderen. Maar ik weet het niet. Ik heb te veel kinderen gezien die aan me bleven hangen als aan een exotische verschijning die toch wel leuk en te vertrouwen is. Ik heb in hun ogen gekeken en ik heb die kleine handjes in en aan mijn hand gevoeld. Soms drie, vier kinderen aan één hand. Ik wist niet dat het kon. Hunkeren naar aandacht, blij met elk teken van belangstelling. Mannen! Vaders! Waar zijn jullie? Dit zijn jullie kinderen, jullie vrouwen! Je hebt geen reden om ze in de steek te laten, tenzij je dood bent – dan ben je hierbij verontschuldigd en neem ik al mijn boze woorden terug.

Een diepe buiging

Zijn ze bang? Zijn ze radeloos omdat ze wel vrouw en kinderen hebben maar geen opleiding, geen baan en dus: geen geld? Is hen dit een enkele keer overkomen of hebben zij kinderen bij verschillende vrouwen? Ik wil allerlei verzachtende omstandigheden aanvoeren en aannemen – maar ik geloof toch dat we hier een oorzaak van de enorme problemen in ontwikkelingslanden bij de kop hebben. En het is een mannelijke kop. De vrouwen vechten zich dood voor hun kinderen. Ik zat bij een moeder met vier kinderen die een handeltje in pinda’s dreef en net hersteld was van borstkanker. Zij doet alleen wat ik samen met mijn vrouw voor 3 kinderen doe in een veel rijker land. Ik maak een diepe buiging voor deze sterke vrouw.

Toch een ode

Maar ik heb ze wel gezien: mooie kerels, sterke mannen vol moed en gevoel. In feite heb ik alleen dergelijke mannen kunnen fotograferen, want die andere kerels waren er doodgewoon niet. Zij hangen op straat, misschien sleutelen ze aan een verroeste blauwe Lada of poetsen zij elkaars schoenen. Ik moet maar voorzichtig zijn met mijn oordeel, ik heb ook wel heel erg gemakkelijk praten. Dus dan toch maar weer een ode. Een ode aan de kerels (groot en klein) die wel hun verantwoording nemen, die trouw en zorgzaam zijn en die respect en liefde voor vrouwen en kinderen hebben. Gelukkig, ze zijn er en ze geven me hoop. Kijk even mee en laat van je horen – of je het nu wel of niet met me eens bent.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Zeg iets terug op Vrijspraak

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s