‘Het is volbracht’ – maar was dat wel genoeg?

Ik kan het even niet terugvinden, maar naar aanleiding van mijn meest recente blogposts over genade en geloof werd mij deze tekst van Paulus onder de aandacht gebracht: “Ik ben blij dat ik nu voor u lijd en dat ik in mijn lichaam mag aanvullen wat er nog aan Christus’ lijden ontbreekt, ten behoeve van zijn lichaam, de kerk, waarvan ik de dienaar ben.” Kolossenzen 1:24,25

De discussie met Rob a.k.a. @instantypo is al eerder door mij gevoerd, maar ik kom er graag nog eens op terug. Mag je uit deze tekst opmaken dat het ‘Het is volbracht’ van Jezus had moeten worden vervolgd met ‘…maar nog niet helemaal, wacht op de bijdrage van Paulus!’? Dat lijkt me niet.

Geen eigen verdienste

Betekent dit dan toch dat er een eigen verdienste aan te wijzen is in het verkrijgen van het heil (dus: draag je zelf actief bij aan je redding, niet slechts door genade gelovig en dankbaar te aanvaarden, maar door er zelf nog iets aan toe te voegen)? Dat lijkt me evenmin. Hoe moeten we deze woorden dan verstaan?

Door te kijken naar wie ze uitspreekt en in welk verband dit gebeurt. Hier is Paulus aan het woord. Hij had voor zijn opmerkelijke bekering de eerste volgelingen van Jezus vervolgd. Onderweg naar Damascus, toen hij nóg meer christenen achter de tralies (of erger?) wilde krijgen, werd hij door een verschijning van Jezus zelf tot staan gebracht. Dit krijgt Paulus te horen: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je mij?’ Hij vroeg: ‘Wie bent u, Heer?’ Het antwoord was: ‘Ik ben Jezus, die jij vervolgt.’ Handelingen 9:4,5

Vraagje: was het werkelijk Jezus (in zijn fysieke persoon tijdens zijn leven op aarde) die door Paulus werd vervolgd, of ging het hierbij om de volgelingen van Jezus? Het waren de eerste christenen. Maar: Jezus vereenzelvigt zich met hen door deze indringende woorden. Paulus voegde lijden aan het Lichaam van Christus toe door zijn daden als vervolger van gelovigen in Jezus Christus. Deze pijn werd ook Christus aangedaan.

Klappen voor Jezus

Na zijn bekering maakt Paulus zelf deel uit van het Lichaam van Christus. Jezus heeft aangekondigd dat degenen die Hem volgen ook zullen lijden en vervolgd zullen worden vanwege het feit dat ze bij Jezus horen. Paulus staat nu aan de andere kant van de lijn en is zelf degene die gevangengezet, mishandeld en – uiteindelijk waarschijnlijk – gedood wordt.

Ik meen dat we de woorden van Paulus zo moeten verstaan: ik krijg klappen voor Jezus en dat maakt me blij want ik sta aan de goede kant. Deze woorden geven mij niet aanleiding te denken dat het offer van Jezus niet voldoende was en nog aangevuld moet worden door de offervaardigheid van Paulus. Als Paulus iets doet, dan doet hij dat in de kracht van zijn Heer. Als Paulus lijdt, dan ondergaat hij dat uit naam van zijn Heer.

Heeft Paulus dan niet door zijn lijden, maar dan toch door zijn werken zijn redding verdiend? Onderstaande tekst zou je op dat idee kunnen brengen – als je deze leest buiten het totale onderwijs van Paulus om:

Geliefde broeders en zusters, u bent altijd gehoorzaam geweest toen ik bij u was. Wees het des te meer nu ik niet bij u ben. Blijf u inspannen voor uw redding, en doe dat in diep ontzag voor God, want het is God die zowel het willen als het handelen bij u teweegbrengt, omdat het hem behaagt. Doe alles zonder morren en tegenspreken, opdat u zuiver en smetteloos bent, onberispelijke kinderen van God te midden van een verdorven en ontaarde generatie, waartussen u schittert als sterren aan de hemel. Houd daarbij vast aan het woord dat leven brengt. Dan kan ik op de dag van Christus trots zijn omdat ik me niet voor niets heb ingespannen en afgemat. Ook al zou mijn bloed als een offer worden uitgegoten, samen met het offer dat u brengt door de dienst van uw geloof, toch ben ik vol vreugde, samen met u allen. Wees dus ook vol vreugde, samen met mij. (Filippenzen 2:12-18)

‘Blijf u inspannen voor uw redding’ kan schijnbaar worden gelezen als een aansporing om zelf, door eigen inspanning, het heil te verdienen. Maar dat is niet wat hier staat. Lees verder: ‘…want het is God die zowel het willen als het handelen bij u teweegbrengt.’ Met andere woorden: jouw inspanningen komen voort uit hetgeen God door jou doet – zowel waar het je motivatie als je acties betreft. Je kunt er niet zelf krediet voor nemen – het is Gods werk in en door jou.

Gemotiveerde acties

Paulus maakt heel duidelijk dat we niets kunnen toevoegen aan de prijs die Christus betaald heeft en hij maakt ook duidelijk dat we niet door goede werken onze redding kunnen verdienen. Wel kunnen we bijdragen aan het werk dat Christus doet, we nemen het kruis op en hebben deel aan zijn lijden, we komen – aangezet door het Woord en de Geest van God in ons – tot gemotiveerde acties die passen bij de goede weg waarop wij gaan. Zo kunnen wij de goede daden doen die God heeft voorbereid. Opnieuw: omdat we in Christus zijn, niet uit onze eigen kracht. Dit wordt duidelijk uit deze woorden van Paulus aan de gelovigen te Efeze:

U was dood door de misstappen en zonden waarmee u de weg ging van de god van deze wereld, de heerser over de machten in de lucht, de geest die nu werkzaam is in hen die God ongehoorzaam zijn. Net als zij lieten ook wij allen ons eens beheersen door onze wereldse begeerten, wij volgden alle zelfzuchtige verlangens en gedachten die in ons opkwamen en stonden van nature bloot aan Gods toorn, net als ieder ander. Maar omdat God zo barmhartig is, omdat de liefde die hij voor ons heeft opgevat zo groot is, heeft hij ons, die dood waren door onze zonden, samen met Christus levend gemaakt. Ook u bent nu door zijn genade gered. Hij heeft ons samen met hem uit de dood opgewekt en ons een plaats gegeven in de hemelsferen, in Christus Jezus. Zo zal hij, in de eeuwen die komen, laten zien hoe overweldigend rijk zijn genade is, hoe goed hij voor ons is door Christus Jezus. Door zijn genade bent u nu immers gered, dankzij uw geloof. Maar dat dankt u niet aan uzelf; het is een geschenk van God en geen gevolg van uw daden, dus niemand kan zich erop laten voorstaan. Want hij heeft ons gemaakt tot wat wij nu zijn: in Christus Jezus geschapen om de weg te gaan van de goede daden die God heeft voorbereid. Efeziërs 2:1-10

Deze tekst maakt duidelijk dat er inderdaad sprake is van toorn (Gods heilige woede over onze zonde) waarvan wij gered moeten worden. Die redding ontvangen wij door genade én dankzij ons geloof. Dat is uit te leggen met behulp van de reddingsboei uit mijn vorige blogpost: de genade wordt ons toegeworpen, wij moeten deze redding wel aangrijpen! De tekst maakt ook duidelijk dat we niet door daden, maar door een geschenk van God vrijuit gaan. In de laatste zin uit dit bijbelcitaat gaat alle eer daarvoor ook naar God. In Christus Jezus ben je een nieuwe schepping en ga je de werken doen die God heeft voorbereid. Dat je dat kunt doen is opnieuw genade – geen verdienste – niemand kan zich hierop laten voorstaan.

Logische consequenties

Zijn (goede) werken dan niet belangrijk? Dat zijn ze wel. Je kunt wel gered zijn, maar dan moet je ook gaan leven als iemand die bij Jezus hoort. Vergelijk het met een huwelijk – fijn als je getrouwd bent, maar je liefde voor elkaar zal toch ook ergens uit moeten blijken. Daarom doe je goede dingen voor elkaar, niet omdat je elkaars liefde moet (terug)verdienen, maar omdat deze goede (re)acties logisch voortkomen uit de liefde die je gekregen en teruggegeven hebt. Dat maakt Jacobus duidelijk in zijn brief: geloof moet gepaard gaan met werken, anders stelt het niets voor. Goede daden moeten gepaard gaan met liefde, stelt Paulus daar tegenover, anders stellen die niets voor. Deze zaken staan niet tegenover elkaar, het zijn logische consequenties

Dus: ‘Het is volbracht’ was genoeg. Mocht je er nog aan twijfelen, dan heb je waarschijnlijk iets aan het antwoord dat Paulus kreeg toen hij maar niet verlost werd van een niet nader gespecificeerde kwelling (een zgn. ‘doorn in het vlees’):

‘Je hebt niet meer dan mijn genade nodig, want kracht wordt zichtbaar in zwakheid.’ Dus laat ik mij veel liever voorstaan op mijn zwakheid, zodat de kracht van Christus in mij zichtbaar wordt. Omdat Christus mij kracht schenkt, schep ik vreugde in mijn zwakheid: in beledigingen, nood, vervolging en ellende. In mijn zwakheid ben ik sterk.’ @ Kor. 12:9-10

3 gedachten over “‘Het is volbracht’ – maar was dat wel genoeg?

  1. Dag Paul,

    Bedankt dat je de tijd neemt om over dit moeilijke vers na te denken.

    “Het” is volbracht. Een evangelicaal a priori brengt er makkelijk toe om dit “het” te verstaan als “het verlossingswerk”. Maar is dat helemaal juist? Op dat moment ontbreekt de opstanding nog, alsook de hemelvaart en de gave van de Geest. Petrus schrijft zelfs dat we wedergeboren zijn … door de opstanding!

    “Gezegend is God, de Vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in zijn grote barmhartigheid herboren liet worden tot een leven van hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de dood.”

    Wat is er dan volbracht? Het is al heel wat theologen opgevallen dat Jezus, die met zijn leerlingen het Pesach aan het vieren was, deze liturgie abrupt afbreekt. Jezus viert het feest met de bittere kruiden en vier wijbekers en vervolgens een maaltijd (het eten van een lam), maar na de derde beker van de dankzegging (eucharisto in het Grieks) onderbreekt hij schijnbaar de liturgie, neemt Hij zijn leerlingen mee de nacht in, en belooft niet meer van de wijn te drinken. Waar is de vierde beker? Wel, wanneer drinkt Jezus dan toch van de (zure) wijn? Inderdaad, vlak voor de zijn uitroep “Het is volbracht”. Het Pesach in het Lam van God dat zich aan de wereld aanbiedt om door iedereen genuttigd te worden, is vervuld. Het Pesach is opengetrokken naar de hele wereld toe. Mijn lichaam is waarlijk voedsel, mijn bloed ware drank! En het is die viering, opgetrokken naar het nieuwe verbond, dat de leerlingen moeten blijven vieren, als de essentie van het nieuwe en eeuwige Pasen! Is niet de beker die wij dankzeggende zegenen, gemeenschap aan het bloed van Christus?

    Wat het ook is dat Jezus volbracht heeft, het is volbracht, vervuld en af. Maar dat is niet in tegenstelling tot wat Paulus zegt, namelijk, dat het lijden van Christus en het lijden van de leden van zijn mystieke lichaam, de kerk, met elkaar verbonden is én … dat als de Meester zal lijden, dan zullen wij dat ook. Maar IN Christus is dat lijden niet langer destructief, integendeel, het bouwt de kerk op! Ook Ignatius van Antiochië schreef het al: “Het bloed van de martelaren is het zaad van de kerk”.

    Is dan het offer van Christus niet voldoende om de Tegenstander te verslaan? Wat zegt Johannes? “Zij hebben hem overwonnen door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis, want zij waren niet gehecht aan het leven, zelfs niet met de dood voor ogen.” Hier wordt de marteldood van Jezus gekoppeld aan de de marteldood van zijn volgelingen. Moet het ons dan verwonderen dat de eerste christenen het brood braken en de beker dronken vergaderd rondom het graf van een broeder-martelaar dat dienst deed als altaar? Zij begrepen de connectie!

    Johannes legt ook de link tussen onze geloofswandel en de reinigende werking van het bloed (het offer) van Christus: “Maar gaan we onze weg in het licht, zoals hijzelf in het licht is, dan zijn we met elkaar verbonden en reinigt het bloed van Jezus, zijn Zoon, ons van alle zonde.”

    Ik weet dat dit problemen oplevert voor de theorie ‘sola fide’, maar willen wij niet liever aansluiten bij de realiteit van de eerste christenen dan bij een theologische constructie uit de 16e eeuw? Moeten wij tot het einde van ons korte leven, de moeilijke Schriftteksten blijven verzoenen met dat wat Luther bedacht heeft?

    Als God zelf ons ziet als lammeren Gods IN het Lam van God, Hij, de eerste onder vele broederen (en zusters), is dat dan niet OK voor ons? Wordt hier ergens Gods eer weggeroofd? Neen toch! God wordt verheerlijkt wanneer wij na ons gelovig belijdenis “Heer, Heer” ons vervolgens inspannen om de wil van de Vader te doen.

    Alles is genade. God maakt alles mogelijk. Hij maakt het zelfs mogelijk dat wij kunnen aanvullen aan dat wat ontbreekt aan het lijden van Christus, ten behoeve van de kerk. Als wij niet bereid zijn ons lijden te laten omvormen naar een geschenk voor de kerk, voor onze broeders en zusters, dan leven wij niet het volle evangelie en zullen wij onszelf beklagen, want dan is ons leed niet zinvol en zal het ons teneer drukken.

    Alles is genade, maar onze redding privatiseren tot iets tussen jouw hart en Gods aanraking is niet goed. Gods redding is altijd gericht op de ganse kerk, dat een universeel (katholiek dus) huis moet zijn voor iedereen. Het gaat God om een volk dat er samen moet geraken. Lees Titus maar: “Christus Jezus heeft zichzelf voor ons gegeven om ons van alle zonde vrij te kopen, ons te reinigen en ons tot zijn volk te maken, dat vol ijver is om het goede te doen.”

    Als God jou redt, dan is dat opdat jij er nog meer kan redden. Als jij de genade ontvangt, als jij uitverkoren was, om ingelijfd te worden in het lichaam van de kerk, effen dan de wegen opdat er nog meer kunnen aantreden. Dan zullen we samen kunnen doen wat Petrus hier zo uitdagend en toch bemoedigend neerschrijft:

    “Span u daarom des te meer in om uw uitverkiezing waar te maken, broeders en zusters. Als u dit alles doet, komt u nooit ten val en zal u onbelemmerd toegang worden verleend tot het eeuwige koninkrijk van onze Heer en redder Jezus Christus.”

  2. @ Paul en Instantypo,

    Volgens mij bedoelen jullie grotendeels hetzelfde. Paul ontkent niet dat op het geloof werken volgen. Het het lijden van de gelovige heeft volgens Instantypo alleen betekenis als het lijden gevuld is met het heil van Christus’ lijden.

    @Instantypo, ik meen iig te begrijpen dat jij aan het lijden van Pls geen heilsbetekenis ontleent, maar aan het lijden van Christus wel.

    Johannes Calvijn zei dat God iedereen die Hij rechtvaardig verklaart ook heilig zal maken. Rechtvaardiging (vrijspraak) en nieuw leven kunnen niet zonder elkaar. Eens?
    Dan stel ik voor dat jullie beiden gereformeerd worden. 🙂 Een ander woord voor heiliging = reformatie

  3. Wat ontbreekt aan het lijden van Christus is het, toen en nu, toekomstig lijden van Zijn gemeente. Het totale lijden van- én omwille van Christus, komt pas ten einde op de jongste dag. Christus lijdt ook nu aktief met ons mee als Hoofd van Zijn lichaam, de gemeente. Het lijden van Paulus brengt tevens vrucht. Zijn inspanningen zijn niet tevergeefs. Zo heeft hij niet alleen deel aan het lijden van Christus (draagt er zijn steentje aan bij), maar zijn missionaire arbeid (de aanleiding waarom hij vervolgd wordt) is tegelijkertijd tot opbouw van de gemeente. Paulus arbeid is daarom zeer eervol.

    “Ik weet dat dit problemen oplevert voor de theorie ‘sola fide’,” ??? Zou niet weten waarom. Ik denk dat je het woordje sola te strak definieert. Sola sluit werken tot behoud weliswaar uit, maar niet de logische vervolgstappen (response) die met geloven te maken hebben, namelijk je zonden belijden en de wandel in het licht. Sterker nog, indien wij in het licht wandelen, worden onze zonden als vanzelf gereingd. Je hoeft ze nog niet eens allemaal exact te benoemen. Zou voor de meesten ook een hele klus worden. Dus behoud als gevolg van geloof alleen blijft ongemoeid staan door de vermanende woorden van Johannes.

    En dan ons mondeling getuigenis. Elke Amerikaanse geloofspastor zal erop hameren dat je positief moet spreken. Instemmen met en getuigen zoals Hij over je denkt. Doe je dat niet, dan heb je geen overwinning. Overigens is het me al eerder opgavallen dat broeder @instantypo een evangelist in de dop is. Hoe vaak jij niet in Amerika bent man, het is gewoon verdacht. 🙂

Zeg iets terug op Vrijspraak

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s