Hier ben ik veilig, dit is mijn kerk

mijn kerkGisteren was ik aanwezig bij de lancering van mijnkerk.nl – een pioniersplek van de protestantse kerk in Nederland op het wereldwijde web. Het is niet zo dat ‘de kerk’ hiermee voorzichtig haar eerste schreden op internet zet, zij is door miljoenen actieve on-line christenen individueel en collectief al heel lang ruim vertegenwoordigd – maar op deze wijze ‘kerk op internet-zijn’ is toch opmerkelijk en spraakmakend. De media besteden welwillend aandacht aan dit initiatief en de aarzelingen en bezwaren lijken vooral bij gelovigen vandaan te komen: ‘Een stola met de logo’s van Facebook en Twitter… kan dat eigenlijk wel?’ en: ‘De kerk is toch bovenal een plaats van ontmoeting…?’ Ik deel die bezwaren niet want een sjaal is een lap stof (ook als deze liturgisch gebruikt wordt) en als je je met je kerkelijke attributen en kledingstukken in de buitenwereld begeeft, is enig aanpassingsvermogen gevraagd. En wat de kwestie van ‘ontmoeting’ betreft: je kunt elke zondag naar de kerk gaan en braaf meezingen, maar daarmee is niet gezegd dat je je daar werkelijk op je gemak voelt en dat je er niet verschrikkelijk eenzaam kunt zijn. Het feit dat steeds meer mensen ‘de kerk voor gezien houden’ moet de binnenblijvers toch aan het denken zetten.

perpermunt mijnkerk

Net de echte wereld

Ik mag wel zeggen dat ik qua actief internetgebruik een early adopter ben: ik schrijf blogs vanaf 2004 – aanvankelijk in het Engels – en ik ben actief op Facebook en Twitter sinds 2007 (laat in de comments van je horen als je er eerder bij was!) Ik ben altijd enthousiast geweest over de mogelijkheid om je leven óók online met anderen te delen en ik vind de computer veel leuker dan televisie vanwege de kracht, diversiteit en interactiviteit van internet / sociale media. 

aDSC_0520

Internet heb ik altijd beschouwd als een plaats waar je mensen kunt ontmoeten die heel anders in het leven staan dan jij. Zij kunnen je helpen je eigen mening te verwoorden en te toetsen (en waar nodig radicaal bij te stellen) en zeker in een verzuilde samenleving bevordert dit wederzijds begrip en waardering. Nog altijd zie ik geloofsgenoten online taal gebruiken die voor niet-ingewijden onbegrijpelijk is. Dat is niet altijd een probleem, maar als je niet onder gelijkgestemden bent zul je wel extra je best moeten doen om verstaan te worden. Dat geldt overigens voor iedereen die uit een ‘min of meer gesloten subcultuur’ naar buiten kruipt. 

Doe in ’s hemelsnaam normaal

aDSC_0571

Of je nu on-line of off-line bent: blijf jezelf. Dat is mijn ongevraagd advies aan iedereen. Doe je niet mooier, beter, zelfverzekerder of gelukkiger voor dan je bent: doe in ’s hemelsnaam normaal. Als je open bent over de dingen waar je trots op bent, durf dan ook zaken te delen waar je pijn en moeite ervaart. Ik probeer dit zelf echt in praktijk te brengen en merk hierdoor dat ik dichterbij mijn medemensen kom, ook als zij heel anders in het leven staan dan ik, of bij een andere generatie of (sub)cultuur horen.

Er is een tijd geweest dat christenen regenboogjes, visjes of stickers met bijbelteksten of vrome kreten op hun auto plakten. Dat gebeurde waarschijnlijk vooral uit missionaire motieven (lekker veilig, je hoeft er niet echt over te praten maar je bent toch een mobiele verkondiger van je geloof…), maar in praktijk was het – denk ik – een vorm van jezelf kietelen en een veilig ‘wij-gevoel’ creëren. Vaak werken dit soort zaken goed om andersdenkenden op afstand te houden (in het verkeer is dat een goede zaak!) maar ze dragen niet bij aan verbinding en begrip, eerder dus een vorm van dissociatie dan associatie.

fremdkörper

Fremdkörper

Het was een eervolle en leuke opdracht om enige maanden geleden drie van de pioniers van mijnkerk.nl te mogen fotograferen. De fotoshoot vond plaats op een zonnige dag in de omgeving van Station Amsterdam-Sloterdijk, vlak bij mijn werk.  Ik had Adrie Stemmer, Bram Dijkstra-Geuze en Fred Omvlee gevraagd om een ‘binnenkerkelijk attribuut’ naar buiten mee te nemen, zodat ik hen in de publieke ruimte kon fotograferen met een christelijk ‘Fremdkörper’. Adrie nam een wijwaterbakje mee met kruis en Pax Dei-opschrift, Fred sloeg een stola om met een Pax Christi-teken (hij had nog geen Facebook- of Twittersjaal…) en Bram had rolletjes pepermunt meegenomen met gepaste teksten. De pepermuntrollen zijn alleen met een knipoog te beschouwen als ‘binnenkerkelijk’. Immers, het beeld van drie mensen gezamenlijk op een bankje die elkaar een pepermuntje aanbieden is toch een vroom en beproefd alternatief voor het wereldse jointje roken.

Toga’s en stola’s

Mooi dat de bijeenkomst gisteren van start ging met een stukje uit een lied van Bløf: ‘Hier ben ik veilig, hier ben ik sterk; Hier ben ik heilig, dit is mijn kerk…’ Dat is een grappige manier om je iets van de popcultuur toe te eigenen en aan te sluiten bij wat algemeen bekend is. De stola met beeldmerken van de twee populairste social media platforms was een geslaagde poging tot verbinding. Veelzeggend om dan te merken hoe gelovigen op Twitter bij het zien van deze handeling (het omhangen van de stola) voorzichtig beginnen te sputteren. Ik weet sinds gisteren ook dat blauw de verkeerde kleur is voor zo’n kerkelijk ritueel – dat had goedbeschouwd rood moeten zijn, verwijzend naar het vuur van de heilige Geest. Nu zijn de logo’s van Facebook en Twitter zo blauw als de hemel (op een donkere en een lichte dag), dus ik begrijp de keuze volledig. Bovendien kom ik uit een geloofstraditie waarbinnen toga’s en stola’s net zo ongebruikelijk zijn als wijwaterbakjes en walmende wierooklampen, dus ik zie sowieso niet direct wat het probleem is.

Veilig en heilig

Mijn kerk – dat bezittelijk voornaamwoord in de naam houdt een zekere betrokkenheid en verbinding in. Dit initiatief vormt een bescheiden begin en we moeten, net als bij andere vormen van kerkstichting, nog maar afwachten of er een dikke boom uit het dunne twijgje groeit. Fijn dat de protestantse kerk nu ook in deze vorm officieel present is op het internet, een kerk mag wat mij betreft zichtbaar en beeldbepalend zijn in elk landschap. Ik snap tegelijkertijd de behoefte aan geborgenheid, het verlangen naar een beschutte plek waar je je gebeden min of meer discreet kunt delen en opzenden en waar je een virtueel kaarsje kunt branden. Hier ben ik veilig, dit is mijn kerk…

Nu we toch fijn aan het samenzingen zijn, laat ons dan ook een compleet couplet als slotlied aanheffen. De Zeeuwse popgroep Bløf deinst er niet voor terug het woord ‘heilig’ (afgezonderd voor een bijzonder doel) in de mond te nemen, dus waarom zouden wij achterblijven? Zingt u maar mee:

Hier ben ik veilig, hier ben ik sterk
Hier ben ik heilig, dit is mijn kerk
Dit is mijn haven, hier leg ik aan
Hier kan ik slapen, hier moet ik staan
Hier ligt mijn hart voor jou

33 gedachten over “Hier ben ik veilig, dit is mijn kerk

  1. Beste Paul,
    Graag licht ik toe wat de problemen zijn met de (door Fred zelf ontworpen) stola.
    1) Liturgie/Theologie: Predikanten staan in welke kerk dan ook niet namens zichzelf en ook niet namens aan de beurs genoteerde bedrijven voor de gemeente, Maar namens God/de Eeuwige/de Andere. Daarom dragen zij in de allermeeste kerken wereldwijd (jouw kerk / de calvinistische traditie binnen NL is op globale schaal echt een mini, een piepkleine uitzondering) een ambtsdracht, bestaande uit toga en stola. Vooral dat laatste, de stola, is een traditie die op zijn minst teruggaat tot de 3e eeuw. Instrumentaal is de stola daarbij het inbegrip van het door Christus gegeven ambt van de voorganger, verwezen wordt daarbij sinds de 3e eeuw op het zachte juk en de lichte last in Mattheüs 11:29v. De symboliek op een stola weegt dus beslist zwaar en verwijst in de traditie altijd naar Christus/de Hl. Geest of het Koninkrijk van God. Logos van wereldse bedrijven zijn vanuit liturgische/theologische/traditionele overwegingen volstrekt misplaatst. Gisteren gebruikte ik op Twitter het woord “blasfemisch”, een oordeel dat ik zeer zelden en alleen weloverwogen gebruik. Ik sta er nog steeds achter. Echt de enige vergelijking die in mij opkwam is eentje die historisch op een héél ander blad staat en toch inhoudelijk dezelfde liturgische kritiek veroorzaakt: de hakenkruisvlaggen op liturgische centra van Duitse kerken tijdens het Derde Rijk. En jij begrijpt dat ik deze vergelijking als Duitser beslist niet lichtzinnig doe! Maar nogmaals: er is een reden waarom predikanten in Duitse Autobahn-kerken geen logo van Mercedes en ziekenhuisdominees geen logo van verzekeringsmaatschappijen op hun stola dragen!
    En dan zwijg ik nog over de volstrekt onchristelijke bedrijfspolitiek van een zich almachtig wanende concern als Facebook…
    2) Marketing: De beelden van de intrede gisteren gingen de wereld over, via internet en traditionele media. Vanochtend al had ik de eerste reactie-mails van collega’s/vrienden uit Duitsland, de VS en inmiddels ook Engeland. Allemaal met maar één onderwerp: de stola! Allen waren verbaasd/geschokt over deze symboolkeuze en vroegen mij, ik citeer, “what on earth is going on with the church in Holland? Is Facebook paying the salaries of the preachers or does twitter sponsor this internet-church?” Let wel: de verbazing en het onbegrip hierover overklaste alle welwillende en -wensende gedachtes op het te prijzen initiatief van mijnkerk.nl. Met andere woorden: deze stola heeft enorm veel goodwil verspeelt en veel potentiële bondgenoten de kast opgejaagd. Want nogmaals: wereldwijd spelen stola’s een grote rol en velen (niet alleen theologen!) weten waar een stola voor staat en wat haar symboliek uitstraalt. Aan hen is blijkbaar, en jammer genoeg, niet gedacht.
    3) De verbinding van een kerk met aardse bedrijven. De beelden van deze stola staan op eeuwig vast. Daarvan komt mijnkerk.nl niet meer los. Stel dat Facebook of Twitter over een paar jaar ineens verwikkeld raakt in een of ander (mensenrechts- / seks- of hoe dan ook) schandaal. Dan heeft de resulterende reputatieschade ook directe gevolgen voor mijnkerk.nl. Op zijn minst kan mijnkerk.nl dan daarover helemaal niets zeggen omdat dat dan enkel hoongelach zou veroorzaken: “bij je bevestiging vond je die lui toch nog goed genoeg voor je stola…!” Elke krant of webportaal kan een foto plaatsen met een tenenkrommende onderschrift. Gewoon dom deze symboolkeuze!
    Begrijp me goed, ik was altijd een grote voorstander van mijnkerk.nl en wens haar en Fred alle zegen toe. En ik begrijp heel goed dat je taal, dingen en symbolen die door de buitenwacht niet (meer) worden begrepen, schrapt! Je kent mij, ik doe mijn best om bij mijn diensten zo normaal en begrijpelijk mogelijk over te komen. Maar je moet daarin niet te ver gaan, want dan verkoop je je ziel (hier dus: aan facebook en twitter) en blijft tenslotte niets christelijks meer over. Bovendien wijst het onderzoek van de laatste jaren juist uit, dat jongeren tegenwoordig weer worden aangetrokken door liturgie/rituelen/symbolen. Juist als ze deze niet begrijpen! Kijk eens naar @rachelheldevans of @sarcasticluther…
    Tenslotte nog een opmerking over dat “veilig” in de titel van deze blog: in de interactie met een predikant/kerk lijkt mij een enorm belangrijk aspect van veiligheid het ambtsgeheim van de predikant. Zeker bij zo’n open medium als een internetkerk. Helaas kon ik zelf gisteren niet kijken, maar ik begrijp dat juist de belofte om alles wat hij te horen krijgt geheim te houden uit de bevestiging geschrapt werd (terwijl de kerkorde dat voorschrijft). Jammer genoeg nog een misser…

    1. Axel, dit nog even – over de ‘piepkleine’ kerkstroming waarin ik mijn baantjes trek (soms gezellig tegen de stroom in en in een bad vol mensen die hun diploma’s halen bij andere zwemscholen, vaak zonder volledige onderdompeling):

      Er zijn wereldwijd 90 miljoen baptisten en er komen er steeds meer bij.

      Maar ik ben opgegroeid binnen een ‘vrije groep’ – daar was men traditioneel wars van tradities (ik ben me bewust van de interne tegenstrijdigheid). Ik denk bovendien dat er zeel veel baptisten zullen zijn die zich in jouw standpunt herkennen. In de VS zal men bijvoorbeeld ook veel meer waarde hechten aan liturgische gewaden, stola’s e.d. Ik heb pas door mijn vrijwilligerswerk in de gevangenis ontdekt hoe mooi en functioneel symbolen (kaarsen, kleden, ramen, iconen..,) kunnen zijn. Maar het blijven voorwerpen voor mij.

      1. Dank voor jouw reactie, Paul. Dat ‘piepklein’ bedoelde ik niet kleinerend en is op globale schraal gezien. Ik weet ook, dat er waarschijnlijk wereldwijd kerkgenootschappen zijn waarin voorgangers geen liturgische gewaden dragen. Vooral in de 20e eeuw zijn veel kerkgenootschappen gesticht (m.n. in de evangelische hoek) waarin rituelen, gewaden etc. een veel kleinere, of helemaal geen rol spelen, Maar daarvoor was de calvinistische traditiestroom, zeker in zijn Nederlandse vorm, op wereldwijde schraal gezien in dat opzichte een kleine minderheid. Meer wilde ik niet zeggen.
        Vooral in orthodoxe kerken vind je, dat weet je zeker, een religiositeit die sterk rond deze “voorwerpen” draait. Dat heeft te maken met de Byzantijnse Beeldenstrijd in de 7e-9e eeuw (http://en.wikipedia.org/wiki/Byzantine_Iconoclasm), die tot de splitsing tussen de Orthodoxe Kerken van het Oosten en Rome leidde en twee volstrekt van elkaar afwijkende kunststijlen tot gevolg had. Enfin, om het krot te houden, ik ben op dit soort vragen afgestudeerd, bij interesse kan ik jou hier meer over vertellen…
        Een ding alleen nog: ook voor mij (en trouwens voor de hele Westerse kerk en ook voor Luther) zijn iconen, stola’s etc. “voorwerpen”, dus zeker geen te aanbidden godheden o.i.d. Het gaat alleen daarom, dat deze “voorwerpen” voor iets staan, iets symboliseren en duidelijk maken. Daar denkt de orthodoxe kerk ietsje (een heel klein beetje) anders over, maar dat zijn historisch-theologische fijnheden, waarvoor het nu te laat is…

        1. Dank je, Axel. Ik was niet beledigd, hoor, maar ik wilde wel een dreigend misverstand wegnemen – de evangelische beweging is geen klein stroompje in de delta. Ik relativeer graag alle kerkmuren en deel het verlangen om één te zijn, precies zoals de Meester het gevraagd heeft. Daarom geniet ik ook zo van het feit dat mensen van allerlei kerkelijke richtingen over hun eigen muurtjes heen durven te kijken en dergelijke projecten van harte ondersteunen. Daarmee is niet gezegd dat we enthousiast op elke bandwagon moeten springen. We mogen constructief kritisch zijn en goede vragen blijven stellen – dat is immers in ieders belang. Maar soms merk ik dat er uit het geheel één zaak opgepikt wordt die niet in de smaak valt / heftige weerstand oproept. Zoiets groeit dan algauw uit tot het focuspunt en dat is jammer. Ik vraag me oprecht af waarom we allemaal zo gehecht zijn aan tradities en geneigd zijn grote woorden in de mond te nemen als we iets nieuws en ongebruikelijks zien. Ik weet dat jij zeker niet tot de behoudzuchtige traditionalisten gerekend kan worden en dat je zelf ook moedige stappen zet buiten de eigen comfort zone. Je zult ook wel eens proteststemmen gehoord hebben omdat je iets ‘schokkends’ deed. Sprekend over de protestgeluiden op Twitter gebruikte ik het neutrale woord ‘veelzeggend’ omdat ik het opmerkelijk vind dat medestanders een protest aanheffen en vooral bezorgd lijken te zijn dat ‘zaken van waarde’ in een andere context verkeerd gebruikt worden. Natuurlijk zijn Facebook en Twitter commerciële ondernemingen, maar met evenveel recht kun je zeggen dat het gemeenschappen zijn waar talloze mensen elkaar ontmoeten en bijpraten. Daarom zijn wij er zelf ook zo enthousiast over, of niet dan? De logo’s van deze twee sociale netwerken vertegenwoordigen voor mij de mensen die in deze ‘virtuele landen’ verblijven. Aardige gasten, vreemde snuiters en gezellige bijwoners. Het omhangen van de stola als inwijdingsritueel is ‘vreemd’ voor mij en past niet in ‘mijn’ traditie, maar ik waardeer en begrijp de bedoeling. Als een dominee hiermee symbolisch de pastorale zorg krijgt toevertrouwd voor mensen die in deze sociale netwerken actief zijn, dan vind ik dat eerst en vooral erg mooi. Maar goed, ik merk wel dat deze zaken gevoelig liggen en dat zet ook mij weer aan het denken. Ik hoop dat Fred Omvlee en zijn pioniers nu niet getroffen worden door friendly fire, maar dat de opgetrokken wenkbrauwen zakken en de mondhoeken weer omhoog gaan. Er is een kerkelijke pioniersplek op internet. Dat is heel goed nieuws, als je het mij vraagt.

          1. Dank voor jouw reactie, Paul! Enkele punten:
            Mijn kritiek is enkel constructief en ik zie hem niet als friendly fire. Ik steun mijnkerk.nl waar ik ook maar kan en draag het, zoals gezegd, een warm hart toe. Mijn kritiek aan de stola is ook helemaal niet omdat hij bij mij “niet in de smaak valt” (in tegendeel, puur esthetisch bezien vind ik hem best mooi!) of dat die stola “nieuw en ongebruikelijk” is (ik doe ook regelmatig ongebruikelijke zaken als predikant en krijg inderdaad daar ook regelmatig kritiek op!), maar omdat ik zowel liturgiek als ook kerkgeschiedenis heb gestudeerd en dus meerdere voorbeelden ken, hoe een soortgelijke symboolkeuze achteraf verdraaid negatief uit kan pakken en veel ongewenste (en onbedachte!) gevolgen kan hebben. De vele reacties online, in mijn inbox en in de media (bv. Elma Drayer vandaag in Trouw) geven mij daarin ook gelijk! Juist omdat ik Fred en mijnkerk.nl alle zegen toewens, uit ik (en anderen) deze kritiek. Zoals jij zelf het zegt: constructief kritisch. Als ik daarbij (te) grote woorden in de mond heb genomen, bied ik graag mijn excuses aan, het was nevernooit mijn bedoeling om anderen hiermee te kwetsen.
            Ook ik vind het jammer dat vandaag de focuspunt van het gesprek over mijnkerk.nl over de stola gaat, maar juist daarom had ik een andere, traditionelere of helemaal geen stola gebuikt! Juist om dit soort kritiek te vermijden!
            Als student liturgiek staat – tenminste in Duitsland – een inleidend “Proseminar” aan het begin. Uiteraard is liturgie geen vak van vaste wetten, regels of de dichotomie van goed of fout. Maar je krijgt er in dit inleidend college wel enkele handvatten mee om in jouw vak als predikant problemen, misverstanden en kritiek te voorkomen. Zo ongeveer op de eerste plek staat de regel: “Gebruik nooit polyvalente symboliek!”, dus symbolen die op meerdere manieren begrepen kunnen worden. Zoals hier dus wel is gebeurt: de gebruikte symbolen staan inderdaad voor twee online community’s EN voor twee commerciële bedrijven. Dat is, vanuit de symbooltheorie bekeken, vragen om misverstanden! Maar zelfs al stonden deze symbolen uitsluitend voor de community’s zou dit mijn kritiek hooguit afzwakken en niet wegnemen. Want een predikant staat nooit namens de gemeente voor de gemeente (zelfs al maakt hij deel uit van deze gemeente), maar namens God (zie boven). Er is een reden, waarom wij voorgangers geen stola’s met PKN-logo of logo van onze kerken dragen…
            Tenslotte: het is uitstekend goed nieuws dat er een kerkelijke pioniersplek op internet bestaat! Juist daarom moet je alles vermijden wat onnodig goodwil verspeelt en potentiële bondgenoten de kast op jaagt!

            1. PS: Nog even de reden waarom ik aan tradities gehecht ben. De christelijke traditie reikt ons symbolen aan die door historisch gebruik herkenbaar zijn en daarom niet op verschillende manieren begrepen kunnen worden. Juist in liturgische opzicht straalt het voor mij een enorme kracht uit als ik weet dat bepaalde rituelen (woorden, gezangen, formules) door christenen wereldwijd en al eeuwenlang, soms sinds de begindagen van het christendom, zondag voor zondag gebruikt werden. De traditie verbindt ons met de christenen wereldwijd en met de geschiedenis waaruit wij en onze kerkgenootschappen vandaan kwamen. Met onze voorouders. Dat betekent niet dat liturgische vormen, de taal en gezangen niet mogen veranderen. Elke generatie geeft weer een eigen invulling aan de aangereikte vormen. Maar, zoals ik al eerder zei, ik vind dat daarbij zekere grenzen moeten bestaan, ook vanuit historisch perspectief. De stola die een predikant bij zijn bevestiging ontvangt, symboliseert het aan de voorganger door Christus gegeven ambt om het woord van God te verkondigen. Dat is al sinds op zijn minst de 3e eeuw zo. Hier stonden op deze stola logo’s van wereldse bedrijven die, in het geval van Facebook, dagelijks voor financiële winst de privacy van miljoenen van mensen schenden. Het probleem van de tegenstrijdigheid van deze twee zaken lijkt mij overduidelijk!

            2. Het digitale wiel uitvinden is niet eenvoudig. Dat blijkt ook weer bij deze pioniersplek. Over de stola is al veel gezegd.
              Wat mij verbaasde waren de vormgeving en inhoud van de internetdienst. Mijnkerk is bedoeld voor mensen die niet meer, of niet zo graag, of nooit in een kerk komen. Maar die zich wel willen bezighouden met zingeving, christelijk geloof. Daarvoor zijn internet en social media prachtige middelen. Alle lof voor de PKN die het aandurft een pioniersplek als Mijnkerk te stichten.
              Ik had echter verwacht dat Mijnkerk met nieuwe vormen zou komen om bezoekers te inspireren. Nu vond ik het geheel toch niet wezenlijk anders dan dat ik de dienst van onze kerkelijke gemeente via internet meebeleef als ik niet in staat ben om naar de kerk te gaan.
              Ik vroeg me af of dit bewust was gedaan om de kloof voor kerkgangers niet te groot te maken. Immers moet Mijnkerk ook op hun sympathie kunnen rekenen om deze vorm van kerk-zijn bekend te maken bij de doelgroep: je buurman, je afgehaakte zoon of dochter, je collega, enzovoort die je niet meekrijgt naar een kerkdienst.
              Als dit niet het geval was, en de dienst zich juist richtte op die buurman, enzovoort, dan lijkt het mij goed dat een volgende dienst echt wordt afgestemd op de niet-kerkganger.
              Hoe dat moet? Er zijn gelukkig veel enthousiaste supporters (wel- en niet-kerkgangers) die met elkaar ongetwijfeld een crowdsourcing-format kunnen ontwikkelen voor een eigensoortige Mijnkerk-internetdienst.

  2. Dank je, Axel! Ook in DM op Facebook en in reacties op Twitter heb ik al wat gereageerd. Ik ben me er duidelijk niet van bewust hoe gevoelig het ligt en laat me graag nader informeren. Ik wil op dit moment even kwijt dat Facebook en Twitter weliswaar bedrijven zijn (de laatste moet meen ik nog winst gaan maken), maar dat de logo’s hier natuurlijk staan voor de communities. Daar zit ik ook bij – ik hoop toch niet dat ik ooit te horen krijg dat ik daarmee aan de verkeerde kant van de geschiedenis stond, want dan hebben wij allen een probleem. Ik moet nu naar huis (reageer vanaf kantoor), maar ga nadenken over wat je hierboven hebt geschreven. Jammer als de stola het centrale punt gaat worden van de discussie – zo zal het zeker niet bedoeld zijn. Wellicht zijn er hier nog andere bloglezers die kunnen reageren, ik lees eerst even rustig mee. Nogmaals dank!

  3. Ik snap net als Paul niet waarom dit zo gevoelig ligt. Ik kom uit een traditie die wars is van niet in de bijbel voorkomende rituelen en symbolen, maar heb er inmiddels wel meer waardering voor gekregen. Ze kunnen een goed hulpmiddel zijn en laten verbondenheid met de kerk van alle eeuwen zien.

    Als deze rituelen en symbolen de aandacht van Christus afleiden, doe ze dan maar gewoon weg. Dan werken ze blijkbaar niet.

    1. Klopt inderdaad! Ik vraag me dan ook af: Waarom überhaupt een stola? Die was op zich niet nodig geweest. Maar als wel een stola, neem dan eentje die helder aantoont, in wiens naam je daar staat, die dus naar Christus verwijst! Of, als je wilt, een “neutrale” stola zonder symboliek!
      Maar een stola met facebook- en twitterlogo’s? Dat is zo’n beetje een hoogtepunt van het aandacht-afleiden van Christus weg Dáár ligt de gevoeligheid!

  4. Hoewel ik in een calvinistische kerk zit (PKN, Geref. Bond), waar een stola helemaal niet aan de orde is, alleen (meestal) een zwarte toga met een wit befje. Persoonlijk heb ik helemaal niets met dit soort uiterlijkheden.
    Ondertussen dwalen we wel af van het doel van Mijnkerk.nl …😉
    Laat ik beginnen te zeggen dat ik van harte achter het initiatief sta, de drempel naar ‘de kerk’ c.q. ‘het geloof’ c.q. de ‘tegenwoordigheid van God’ kan mij niet laag genoeg zijn. Toch las ik wat reacties op twitter over ‘ongemakkelijk’, maar ‘niet te definiëren’ waarom … Een korte poging tot poging dat te benoemen, vanuit mijn context.
    Het ‘inzegenen’ had ik intern gehouden en niet als eerste dienst genomen. Dan moet je al veel te veel gaan uitleggen. Setting had veel kleinschaliger gekund, wellicht had een huiskamer beter geweest? Het zingen was m.i. te professioneel … De preek van Fred Omvlee was kort en to the point, maar persoonlijk vond ik het contrast tussen zijn joggingbroek en de toga (met stola …) van even daarvoor, wel heel erg groot. Het mag van mij best gewoon …

    Kortom, even wennen (ook voor de binnenkerkelijken), wat kinderziektes, maar inderdaad, laten we niet teveel vanaf de (interne) zijkant blijven vuren, maar dit initiatief dragen, meedragen en opdragen in gebed. Opdat het mag groeien en bloeien en vrucht mag dragen. Er is veel meer eenzaamheid en vruchtbare aarde dan wij denken, veel te vaak zitten wij, die het weten (kunnen of moeten), opgesloten in onze ivoren torens …
    In ieder geval al erg mooi om te zien dat het initiatief al zo goed is opgepikt door de gewone media.

  5. Dag Paul, dank voor je blog! Je hebt weer een en ander op een rijtje gezet waar we nog wel een tijdje mee toe kunnen🙂 Maar ik ben het met een aantal dingen niet eens. Vooral wat je zegt over ‘toga’s en stola’s’ vraagt wel om een weerwoord.

    Axel heeft daar al het een en ander over uitgelegd. Ik ben het grotendeels met hem eens, maar wil graag vanuit mijn eigen betrokkenheid een paar dingen toevoegen. Het gaat namelijk niet om een beetje binnenkerkelijk gesputter van gelovigen die het allemaal niet zo snel kunnen meemaken. Dit is niet zomaar tradtitionalistisch liturgisch gedoe waar je wel of niet iets mee hebt; het gaat niet om hoog- tegenover laagkerkelijk of vrijzinnig tegenover orthodox of progressief tegenover conservatief. Hier staan heel wezenlijke dingen op het spel, voor ons allemaal.

    Er is één ding waarvan iedereen die wel eens nadenkt over communicatie zich buitengewoon goed van bewust is: ‘je kunt niet niet communiceren’. Als je een symbool, een beeld, een metafoor gebruikt, dan communiceer je iets. En het is belangrijk je te realiseren wát. Dat is in de reclame zo, dat is zo als je een voorlichtingscampagne maakt, dat is ook in geloofscommunicatie zo. Dus of je nu wel of niet iets met stola’s hebt doet weinig ter zake. Dit symbool is gebruikt, dan betekent het ook iets.

    We herkennen het gebaar: het omhangen van een stola lijkt op het omhangen van de ambtsketting bij de installatie van een nieuwe burgemeester of het omhangen van een medaille bij de Olympische spelen. Dat ‘omhangen’ heeft iets van ‘bekleden met’, je wordt – uit handen van een vertegenwoordiger van de gemeenschap waar je bijhoort – bekleed met iets wat essentieel bij jouw status op dat moment hoort: de bestuurlijke bevoegdheden van de burgemeester, de eer van de sporter. Zo wordt een predikant bekleed met het ‘zachte juk’ en ‘de lichte last’ van het ambt. Dat is niet zomaar iets: het is een heilig moment. Zo heeft Fred dat ook ervaren, vertelde hij mij toen we er gistermiddag over spraken. Het is dus niet een detail wat er uit gelicht wordt (‘wat jammer dat iedereen nou net daar over valt’); het is alles-wat-je-wilt-zijn samengebald in één handeling, één moment.

    En dan gaat dat zó. Ja – ik val daar over. Ik schrik ervan! Ik vind die stola heel erg – niet om het ding, maar omdat naar mijn inzicht hier net op zo’n heilig moment juist wat heilig is in de uitverkoop gedaan wordt en verkwanseld wordt.

    Die stola staat voor het ambt van de voorganger, van de predikant. Nu zijn ambten geen eeuwigdurende inzetting van God of zoiets, ze veranderen wel eens en je kunt er verschillend over denken. Maar: in zo’n ambt komen waarden mee die wij van essentieel belang vinden. Of die in deze of in een andere vorm geborgd worden, daar zit ruimte in. Maar ze moeten er wel zijn.

    Welke waarden zijn dat dan? In ieder geval de gebondenheid van de voorganger aan de Schrift, en aan de Schrift alléén. Daarbij kun je aan veel dingen denken, maar voor mij is hier vooral het aspect van de onafhankelijkheid van de ‘dienaar van het woord’ belangrijk. Die is er niet voor niets: maar al te snel wordt een voorganger geclaimd door zijn of haar gemeenschap. ‘Wiens brood men eet, wiens woord men spreekt’. Maar de voorganger is vrij – alleen gebonden aan het Woord; vrij om te zeggen wat hij of zij te zeggen heeft. Die stola betekent: ik ben aan niemand iets verplicht, behalve aan het woord van de Heer.

    Het is daarom op zichzelf geweldig dat de PKN iemand vrij maakt die álles mag zeggen; die niets verschuldigd is aan zijn werkgever of gemeenschap; die wat hij doet of zegt niet langs de lat hoeft te leggen van de theologie van zijn leidinggevende, langs de missionaire visie van de PKN en zelfs niet langs het projectplan van MijnKerk. Die mag zeggen wat hij te zeggen heeft, óók als dat zijn toehoorders in eerste instantie niet zo prettig in de oren klinkt. Die vrij is om ook een ‘ongemakkelijke waarheid’ naar voren te brengen. Een predikant is er niet om zijn gemeenteleden een goed gevoel te geven of een prettig moment te bezorgen –soms betekent je werk goed doen ook iets durven zeggen of doen wat niet goed valt of spanning veroorzaakt.

    In onze cultuur waarin mensen zo gepokt en gemazeld zijn in het filteren van informatie, zo goed weten hoe onbetrouwbaar allerlei media zijn, waarin niemand meer iemand op zijn woord gelooft – althans niet in de publieke ruimte – is het van wezenlijk belang duidelijk te maken wie je bent, waar je voor staat, aan wie je verantwoording schuldig bent, waar je belangen liggen, wie jou betaalt en wat daarvoor terug verwacht mag worden.

    Als niet duidelijk is aan wie jij iets verplicht bent, wordt wat je zegt of doet reclame of propaganda en mensen zullen het ook zo tot zich nemen en wegen. Dat ondermijnt niet alleen de kracht van je boodschap, maar ook de veiligheid van de hoorder. ‘Hier ben ik veilig’ – dat kan alleen als ik weet dat er geen verborgen agenda is; als ik weet waaraan ik je kan houden. Die veiligheid is nodig om me met jou in te laten, om niet alleen consument, publiek te zijn maar ook deelnemer, gemeentelid te worden.

    Het is niet voor niets dat het priesterboordje weer aan terrein wint, ook in kerken waarin dat geen deel van de traditie is – grappig genoeg hebben heel veel mensen, ook buiten de kerk, instinctief een idee waar dat voor staat; en ook, hoe erg het is als de drager ervan dat boordje niet waar maakt. Zo is het met die stola ook. Zij maakt duidelijk waar je voor staat – en daar kan dus echt geen organisatielogo, kerkzegel of twitter/facebook symbool op. Voorgaan doe je niet in bedrijfskleding.

    Dit alles maakt het ook zo vreemd dat in de dienst dinsdag geen bevestigingsvragen gesteld werden en geen belofte klonk. Ik weet zeker dat ‘de doelgroep’ dat zo mee had kunnen maken – in de huwelijksdienst van William & Kate kwamen de huwelijksvragen en –belofte rechtstreeks uit het Book of Common Prayer en de wereld zat aan de buis gekluisterd. Prachtige televisie🙂 Die vragen – ik heb ze nog maar eens opgezocht – gaan precies over deze punten: het alleen gebonden zijn aan de Schrift, het beroepsgeheim, de waardigheid van het ambt. In een tijd waarin heel veel publieke figuren onbetrouwbaar zijn is het belang daarvan nauwelijks te overschatten.

    Maar er waren geen vragen en geen belofte, want weet je: daar had nog niemand aan gedacht, en eigenlijk was het ook helemaal geen bevestigingsdienst, bekende Fred gisteren. Met alle goede bedoelingen – wat was het dan wél?! Waar zitten we dan eigenlijk naar te kijken? We zien een zegen en moeten zelf maar een beetje aanvoelen waar die nou precies bij nodig is; we zien het omhangen met een stola, maar waar die voor staat krijgt geen inhoud. Tja – geen wonder dat zo’n stola dan niet meer is dan ‘een lap stof’, ‘een knipoog’, een gimmick. En wat je kwijt raakt, valt niet zo snel op…

    Creatief omgaan met liturgische tradities – daar ben ik helemaal voor. Het heilige verbinden met het alledaagse – zeker. Maar ‘het heilige’, het geheim waarvan wij allen leven, stelt zo zijn eigen wetten; je kunt er niet eindeloos mee knutselen en fröbelen. Het laat zich niet dwingen of gebruiken, het gaat zijn eigen, soms ongekende gang. En als je het geen recht doet, of probeert te doen, raak je het kwijt. Daar sta je dan, met je creatieve collage, en je mooi geproduceerde media-event, maar voor je er erg in hebt is waar het om ging stilletjes weggeschuifeld achter de coulissen en door de achterdeur naar buiten geglipt.

    ‘Hier ben ik heilig…’ – ja, dat blijkt. Maar ging het nou net niet heel even niet over mij, maar over de ánder, het andere, dat naar ons toekomt en zich over ons ontfermt in al onze onheiligheid en gedoe? Aan mijzelf alleen heb ik nooit genoeg; en aan jij-en-ik-samen heb ik óók niet genoeg. Als het heiligste moment in zo’n dienst blijkbaar niet meer is dan dat, dan maak ik me zorgen.

    Ik hoop nu maar, dat door erover te praten en te discussiëren we samen verder komen in wat MijnKerk is en kan worden. Aan mijn hartelijke betrokkenheid bij MijnKerk hoeft niemand te twijfelen. Maar met alleen maar juichen langs de zijlijn komt niemand verder.

        1. Jaja … volgens mij zijn je preken korter …😉
          Maar ‘Oef’ sloeg niet alleen op de lengte van de reactie, maar ook op de ‘hoogliturgische’ verontwaardiging over een symbool c.q. ritueel, wat wellicht binnenkerkelijk (enige, relatieve) waarde zal hebben, maar natuurlijk naar buiten toe helemaal niets voorstelt, dus waar maken we ons druk over … Ook dit soort reacties zijn voor iedereen zichtbaar en ondertussen onbegrijpelijk voor buitenstaanders, waar ik mezelf dan voor het gemak (in dit geval) ook maar even bijreken, ook al heb ik ondertussen een kerkbank versleten …

          1. Dat heilige is ook voor een buitenstaander helemaal niet zo onbegrijpelijk, al zal hij er niet direct de woorden voor hebben. Meer en meer zie ik ook “buitenstaanders” op zoek én hongerig zijn naar iets wat het alledaagse en algemene overstijgt. Voor dat heilige, of die sacraliteit, moeten we juist in de kerk alle ruimte laten. Het zal je niet verbazen dat ik het geheel en al met Jacobine eens ben.

            1. Het ‘sacrale’ is onder ons komen wonen, heeft onder ons ‘getabernakeld’, is vlees en bloed geworden. Ons lichaam, als wij geloven, is de tempel van de ‘Heilige’ Geest, die met het ‘onheilige’ van ons, samen wil werken. We mogen vruchtdragen, als we in Hem blijven, die zich als offer gegeven heeft. Hij deelt zichzelf nog steeds uit, symbolisch, als ‘brood’ en ‘wijn’. Hoe alledaags mag het niet worden, hoe ‘dichtbij bij een ieder van ons’?
              De tabernakel is er niet meer, de tempel is verwoest, het ‘heilige der heiligen’ heeft zichzelf opengescheurd, van boven naar beneden. Het gordijn is weg …
              Laten we de afstand niet vergroten door onnodige drempels op te werpen, maar de mensen opzoeken in hun omgeving, op hun ‘onheilige’ grond, midden in de modder en de ellende, ook daar woont God, en weten mensen vaag van Hem, ze vermoeden, ze zoeken, wellicht al tastend …

          2. Dag Anton, zoveel woorden, en nog ben ik niet duidelijk genoeg!😉 Het is juist níet binnen-kerkelijk, hoog-liturgisch. Dit gaat niet over wie er binnenshuis zit te mopperen, maar over wat je naar buiten toe communiceert. Als het echt ‘naar buiten toe niets voorstelt’ is dat erg genoeg. Maar het stelt wel iets voor denk ik, al blijft het vaag. Iets van: ‘kijk eens hoe creatief en grappig wij durven zijn met tradities’ of iets van ‘wij hier zijn van de sociale media’. Maar wat mij betreft blijft onduidelijk of je misschien óók iets bent dat met God te maken heeft, of met dat wat het gewone leven te boven gaat, of met het geheim, of welke woorden je er ook aan wilt geven. Wat mij betreft zou die stola iets moeten laten zien van wat of wie je bron is, van wat dat maar al te vaak on-heilige gedoe van ons – juist ook op de sociale media toch – overstijgt. En dat is voor mij niet een dingetje, maar essentieel.

            1. Ooit kwam er een man bij de pastoor die graag wilde dat zijn dochtertje werd gedoopt. De pastoor vroeg hem waarom hij dat zo graag wilde. Toen moest de man heel diep nadenken. Uiteindelijk zei hijj: “hoor eens even hier, meneer pastoor, daar heeft u voor geleerd om mij uit te leggen waarom ik graag wil dat mijn dochtertje wordt gedoopt”. Zonder dat de man dat zelf zo diep onder woorden kon brengen bracht hij dus iets naar voren van die sacraliteit waarover het naar mijn idee ook gaat in ons gesprek over de stola. Het gaat er dus niet om dat de dominee allemaal wel even zal zeggen hoe het zit met zonnen, zielen en hemelrijk, maar het gaat wel over ruimte laten aan het Geheim dat je, bijna als een icoon, ook kunt zien aan de symbolen op de stola.

  6. Reblogged this on Life in Hard Copy and commented:
    Deze week werd MijnKerk – de internetkerk van de Protestantse Kerk in Nederland – gelanceerd met een online kerkdienst van een klein half uur. In die dienst werden ook de predikant en teamleden van MijnKerk gezegend. De manier waarop riep heel wat reacties op. Hierbij eerst het lezenswaardige verslag van Paul Abspoel, met ergens daaronder ook een reactie van mijn hand.

  7. Ik ben geen theoloog, maar probeer toch even wat.
    Voor mij zijn
    “De ambten” belangrijk. Als een mens de toga en stola (krijgt) omgehangen, vertegenwoordigt zhij een héél belangrijke tekst voor mij. Namelijk deze: ‘geslachten gaan, geslachten komen – wij zijn in Gods ontferming opgenomen.’ Ik kan het allemaal niet zo mooi zeggen, maar de kerk van alle eeuwen en Gods bemoeiienis daarmee, ervaar ik in deze symbolen.

      1. Ja, zoiets bedoel ik. Van ver voor ik geboren werd, was de gemeenschap der gelovigen er al. En ik mag er bij horen.

  8. Dit is een discussie waarin ik me een volslagen ‘aliën’ voel. Als late instromer en lid van een kerk zonder gewaden heb ik eerst even op google-afbeeldingen gekeken wat er wèl op zo’n stola staat. Ik vind het mooi om te lezen over de rijke symboliek. In de reacties merk ik hoe bij verschillende mensen die symboliek hun hart raakt en het mysterie van het geloof tastbaar maakt. Alleen daarom al dank voor het delen. Het laat mij een deel zien van de kerk waar ik eerder geen idee van had. Hopelijk wordt er een elegante oplossing gevonden, zodat het geen ‘stola-gate’ hoeft te worden. Het initiatief van mijnkerk vind ik namelijk wel heel mooi.

  9. Intrigerende discussie en al helemaal bijzonder wat het deelnemen van de kerk aan de social media met kerk en geloof zelf doet als ook met de mensen die zich op deze sociale media begeven.
    Althans, ik ervaar het zich openstellen van de kerk voor de social media als het steeds meer verdwijnen van haar beslotenheid en veiligheid van een groep, als een herkenbare beweging en beroering die ieder individu in deze tijd ook lijkt te maken.
    Het meedoen d.m.v. de social media staat voor mij dan symbool voor het integreren in de maatschappij. Kerk en staat die dus weer dichter bij elkaar komen.
    Evenals geloof/spiritualiteit en wetenschap zich weer lijken te willen verenigen, alhoewel dit nog lang niet altijd van harte gaat.
    Een tijd van nu dus, waarin wat ooit gescheiden is geraakt, weer naar elkaar toegetrokken wordt.

    Vanuit m’n eigen “kerk” (ik ben dus niet bij een kerk en leef/ervaar/geloof vanuit m’n eigen zelfbron, wat voor mij tevens vanuit Christusbewustzijn is) herken ik de onrust, die naar mijn gevoel door deze geheel nieuwe beweging in de wereld ontstaan is en nu ook gaande lijkt te zijn in de concrete situatie van de kerk die ook kerk wil zijn buiten de “muren” van het gebouw.

    Er is voor mij veel over te zeggen, maar ik houd het even simpel bij de discussie hier over hoe belangrijk het symbool van de stola is op het internet, hoe het er uit zal moeten zien en of je het wel moet gebruiken.
    Ik kan dit goed doortrekken naar m’n eigen overwegingen w.b. hoe ik mijzelf in de social media profileer.Alleen al bedenken of ik m’n logo of foto van mezelf zal gebruiken.
    Met een logo laat ik het symbool van m’n bedrijf zien; met een foto van mezelf laat ik iets van m’n persoonlijkheid zien. Dan heb ik nog een logo van een vereniging waarvoor ik Twitter en daarmee profileer ik me weer meer als lid van die vereniging.
    Ben ik in alledrie de gevallen een andere persoon? Nee, natuurlijk niet, ik ben nog steeds dezelfde en het is ook niet zo strikt gescheiden. Wel ben ik me (meestal) bewust van het effect wat het heeft in de interactie met andere personen via de sociale media. Het gaat om beelden en helaas wordt er m.i. in de social media vooral van beeld (symbool) tot beeld gecommuniceerd.

    Een symbool, zoals ook de stola, is echter een symbool, het staat ergens voor en wat ik hier lees, staat die stola voor iets heel belangrijks, namelijk om het even eenvoudig uit te drukken; het staat voor de wereld van God, een wereld waar we allen bij horen en dus ver uitsteekt boven de wereld van de social media.
    Net als dat de vinger die naar de maan wijst niet de maan zelf is, is die stola of dat symbool niet hetzelfde als waar het voor staat.

    Toch, om even misschien wat moeilijk te doen, maar ik wil dat toch zeggen, vind ik dat ieder mens persoonlijk ook symbool kan staan voor die wereld van God. Ik ervaar de ontwikkeling in mijn leven namelijk als dat mijn persoonlijkheid zich in mijn leven steeds meer omvormt naar het beeld wat iets van die wereld van God mag laten zien. Het is dus niet God, het is het beeld wat het laat zien, echter dus wel een belangrijk beeld.
    Ik zie dit er staan/zijn voor die wereld van God en daarvoor spreken dus niet als alleen voorbehouden aan het ambt van een predikant die zijn/haar stola omdoet.
    Dit past voor mij niet in deze nieuwe tijd waarin kerk en maatschappij weer meer naar elkaar toe komen en interactie met elkaar gaan hebben.
    In een wereld met de social media, zal je toch, vind ik , goed moeten begrijpen, dat je dan als kerk een wereld tegen gaat komen met een heleboel persoonlijke symbolen (of dat nu logo’s zijn of foto’s van mensen) die in wezen allemaal aan het toegroeien zijn naar die wereld van God zo zuiver mogelijk kunnen laten zien met een omgevormde persoonlijkheid en beeld van een foto, logo, stola whatever.

    Vanuit de kerk die zich momenteel weer meer buiten de “muren” begeeft en mensen tegemoet wil komen, verwacht ik daarin een positieve rol.
    Ik, van mijn kant, doe mijn best (al vind ik dat een hele klus, omdat mijzelf profileren niet mijn ding is) om vanuit die wereld van God te spreken, handelen en mensen te ontmoeten met een heleboel interactie (zoals in de social media).
    Wat ik dan terugverwacht, dat is dat wanneer men een symbool vanuit de kerk laat zien, men met dit symbool naar die wereld van God wijst, zonder zich te verstrikken in het symbool als was het “de vinger die naar de maan wijst”. Dat laatste voelt niet echt en dat veroorzaakt een onechte en oppervlakkige communicatie, wat toch al zo eigen is aan de social media.
    Dat geharrewar in de kerk over welke symbolen op de stola enz. dat laat ik mooi bij de kerk, dat is voor de buitenstaanders echt niet het belangrijkste. Het belangrijkste is of je als kerk nog wel bezig bent met waar een kerk voor wil staan. Ik dacht voor die wereld van God, maar ik kan het mis hebben natuurlijk?

    Zelf sta ik open voor interactie van deze nieuwe wereld, die we met z’n allen maken.
    Maar ook ik en ik denk dat dit voor steeds meer mensen zal gaan gelden, zal steeds meer vanuit m’n eigen persoonlijkheid en persoonlijke symbool deze interactie aangaan.
    Begeeft de kerk zich op de sociale media met het idee alsof zij die wereld van God als enige vertegenwoordigen en als enige daarvoor het juiste symbool kunnen gebruiken?
    Tja, dan wordt je gauw weggeklikt, dat is niet zoals het daar werkt en wat dat betreft zou een beetje marketing kennis toch wel handig zijn, omdat er meer “bedrijven” dezelfde universele boodschap van Liefde en God willen brengen en/of leven.
    En dan wel graag ook een nieuwe vorm van marketing; niet die van elkaar beconcurreren, maar juist met elkaar die interactie aangaan en verbinden, ieder vanuit z’n eigen expertise, omdat nieuwe marketing in wezen diezelfde boodschap heeft, waar we samen aan gaan werken.
    Tenminste, dat is waar ik voor sta !

Zeg iets terug op Vrijspraak

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s