Help ons Holland, help de Russen?

aaDSC_3211Vanmorgen hoorde ik op de radio dat men in Rusland rond deze tijd geen ‘bevrijdingsdag’ maar ‘overwinningsdag’ viert. Het lijkt een subtiel verschil, maar voor wie iets langer nadenkt gaapt er een kloof tussen beide aanduidingen. Nederland, die kleine dichtbevolkte rivierendelta aan de Noordzee, kon zich op eigen kracht onmogelijk ontworstelen aan de overheersing door het Duitse leger. Zonder ‘vreemde’ interventie is het nog maar de vraag of er voldoende tegenkrachten in geheel West-Europa te vinden zouden zijn geweest om het naziregime gewapenderhand een halt toe te roepen. Het is denkbaar dat op een bepaald moment genoeg ‘moed der wanhoop’ zou zijn verzameld om het systeem van binnenuit te laten imploderen, maar dat weet niemand zeker. De geschiedenis is per definitie onherroepelijk, al kun je wel nadenken over de vraag ‘hoe het ook had kunnen gaan.’

Hebben de Russen gelijk wanneer zij zichzelf tot ‘overwinnaar’ uitroepen? In zekere zin wel, want je kunt verdedigen dat het Duitse leger op militaire wijze verslagen is in een tweefrontenoorlog die door hen niet te winnen was. Maar ik geloof niet dat Rusland op eigen kracht de oorlog had kunnen winnen, zonder de strijd die door de geallieerden in Europa is geleverd. Hun ‘overwinning’ danken zij deels ook aan de ‘bevrijding’ van West-Europa door geallieerde legers.

VAN RANDWIJK

Ik vrees dat de geschiedenis door elk volk en in elke tijd met een gekleurde bril wordt bekeken en naverteld. Na de oorlog zat bijna iedereen in het verzet en het grote wonder van het naoorlogse Duitsland is niet het Wirtschaftswunder, maar het feit dat er plotseling nog maar zo weinig fanatieke nationaalsocialisten te vinden waren. In onze eigen land is er – bij mijn weten – geen beter boek geschreven over Nederland in bezettingstijd dan In de schaduw van gisteren van H.M. van Randwijk (medeoprichter van Vrij Nederland, dichter van de beroemde regels ‘Een volk dat voor tirannen zwicht, zal meer dan lijf en goed verliezen, dan dooft het licht.’) In dit boek bespreekt Van Randwijk de verschillende bevolkings- en beroepsgroepen en het (vermeende) aandeel dat zij hebben gehad in het verzet tegen de Duitse bezetter. Al gauw blijkt dat er tussen zwart en wit vele tinten grijs zitten (nog meer grijsnuances dan vijftig) en dat mensen zich soms ook ‘min of meer bij toeval’ aan de goede kant van de lijn hebben opgesteld. Er waren mensen die keuzes maakten uit overtuiging, maar er waren er ook die dat deden uit lust voor avontuur of uit pure berekening.

ANGST EN OPPORTUNISME

Achteraf is het gemakkelijk oordelen. Wij weten nu dat er een begin- en einddatum op die Tweede Wereldoorlog geplakt kan worden, maar voor wie in 1942 leefde was dat niet zo. Ja, de oorlog was begonnen en er trad zelfs een soort gewenning op. Het leven ging gewoon door. Ik weet dat ik ooit de kranten in het archief las van vlak voor het uitbreken van de oorlog en van direct daarna. Onder de breidel van de Duitsers moesten de legale kranten natuurlijk ook van toon en inhoud veranderen (vandaar de opkomst van illegale pers), maar je krijgt toch ook de indruk dat een groot deel van het volk zich gedwee bij de nieuwe status quo neerlegde. ‘Zolang we er zelf nog maar niet direct vervelende consequenties van ondervinden’, dat zal wel vaak de gedachte geweest zijn.

Van Randwijk maakt duidelijk dat er mensen waren die zich een bepaalde mate van lijdzaam (of actief) verzet konden veroorloven, omdat de bezetter niet te hard tegen hen kon optreden. Dit was, zo kan ik me uit dat boek herinneren, het geval bij de huisartsen – zij waren van belang voor de Duitsers omdat hun eigen artsen thuis en aan het front moesten worden ingezet. Maar als je violist en kostwinner was, dan kon je jezelf niet teveel toestaan. Inschrijven bij de Kultuurkamer kan nu als een laffe daad van verraad worden gezien, maar je zult maar voor de keuze worden gesteld als danser, pianist of acteur. En er waren ook mensen in beroepsgroepen actief die op hun post bleven omdat ze dan tenminste nog enige matigende invloed konden uitoefenen – het “burgemeester in oorlogstijd”-dilemma.

Ik vrees dat veel mensen zich hebben laten leiden door angst en opportunisme. Dat kunnen we nu veroordelen, maar dan hebben wij ook weer ‘gemakkelijk praten’. Zouden we zelf betere keuzes maken / gemaakt hebben? Dat weten we domweg niet. W.F. Hermans werd eens gevraagd waarom hij als decor voor zijn romans zo vaak  voor de Tweede Wereldoorlog koos. Enerzijds is dat, gezien zijn generatie, een logische zaak. Maar de schrijver had een andere verklaring die tot denken stemt. Hij zei dat in oorlogstijd de ware aard van mensen zichtbaar wordt omdat de beschaving slechts een dun laagje vernis blijkt.

WINNAARS EN VERLIEZERS

Het kan verkeren. De ironie van de geschiedenis is dat de ‘verliezende’ landen na de periode van opbouw en herstel toch als economische winnaars boven kwamen drijven: West-Duitsland en Japan. Natuurlijk, de Verenigde Staten hebben ook geprofiteerd van de tijd van opbouw en in andere opkomende economieën is het niet veel slechter gegaan – maar blijkbaar is het een verstandige keuze geweest om de vijand niet langdurig te vernederen en lam te leggen door oneindige herstelbetalingen. Dat was waarschijnlijk een les die geleerd is door de nasleep van de Eerste Wereldoorlog – waarbij de economische straf die aan Duitsland werd opgelegd een vruchtbare bodem bleek voor een totalitair regime dan uit was op ‘eerherstel’.

En dan nu een gedachtesprong. De Koude Oorlog is over ons heen getrokken en was van een heel andere aard en omvang dat de twee Wereldoorlogen. Het wapentuig aan weerkanten was zo bedreigend geworden, dat niemand nog iets te winnen had bij een nieuw wereldwijd militair conflict. De Laatste Oorlog – met kernwapens – zou immers allesvernietigend zijn. De feitelijke oorlog is uitgevochten door elkaar bestrijdende ideologieën. Grofweg gesteld: het communisme versus het kapitalisme. En – afgaand op de ineenstorting van het communistische blok – heeft het kapitalisme ‘gewonnen’. Maar is dat ook echt zo?

Opvallend genoeg zijn het de oude communistische wereldmachten die steeds meer de dienst uitmaken. Rusland zit met een hand aan de gaskraan en met een voet in Oekraïne. China koopt invloed en grondstoffen in Afrika en steekt de VS naar de kroon als economische supermacht. De Amerikanen hebben de staatsschuld, de Chinezen het geld – kun je ‘kort door de bocht’ concluderen.

HELP DE RUSSEN

Van harte vier ik vandaag de Bevrijdingsdag. Een dag dat ik ‘gewoon’ mag leven, wonen en werken in een democratische rechtstaat. Ik tel mijn zegeningen en ben dankbaar voor iedereen die een offer gebracht heeft voor dit enorme voorrecht. Maar ik denk ook na over de nieuwe bedreigingen van onze vrijheden. Bijvoorbeeld als het om de vrijheid van meningsuiting gaat of om de bescherming van onze persoonlijke levenssfeer. En ik denk aan de explosieve toestand in Oekraïne waar zomaar het lont in het kruitvat kan worden aangestoken. In zekere zin is dat ‘buiten de deur’, want Oekraïne is geen NAVO-lid. Maar vanuit het sociale en culturele perspectief gaat het wel om de verdediging van vrijheden die we in West-Europa na 1945 altijd hoog in het vaandel hebben gehouden. Geef Vladimir Putin vrij spel en hij zal steeds meer toegeven aan de neiging om ‘verloren gebied’ terug te winnen. De grote vraag die wij in politiek opzicht moeten beantwoorden is niet: zijn wij voor of tegen Europa? maar: waar houdt Europa op? Bij natuurlijke grenzen is dat nog enigszins aan te wijzen, maar op het continent is en blijft het spannend… Waar bevinden zich onze ‘achtergrenzen’ en wat hebben we ervoor over om deze te verdedigen?

Een rijmpje dat door een onbekende dichter via de illegale pers werd verspreid tijdens de Tweede Wereldoorlog, krijgt in deze context toch wel een aparte lading:

Heer, wij zitten er lelijk tussen
hier op stromatras en kussen,
hopen zij ons bloed te blussen,
hoopt men onze haat te sussen.
Heer, wij smeken ondertussen:
help ons Holland, help de Russen,
hecht ons schoon Europa samen.
Amen

2 gedachten over “Help ons Holland, help de Russen?

  1. Gelezen Paul, ook al is het weer lekker lang. 🙂
    Ik kwam vanavond thuis en was glad vergeten dat het Bevrijdingsdag was. Een vriend van mij maakte afgelopen zaterdagnacht een val en ligt nu in coma. Zijn vrijheid is mogelijk voorgoed voorbij. Ik bezocht hem vanavond in het UMC. Vrijheid is er in vele vormen. Voor ons leven mogen en moeten we dankbaar zijn. De ironie van al die bevrijdingsfeesten vind ik wel dat de jeugd van Nederland zelf vrij wil zijn, maar Israël en daarmee de Joden het (economisch) licht in de ogen niet gunt. Allerlei boycotten nemen toe. De Palestijnen zijn de echte slachtoffers. Alles wordt omgedraaid. Jij bent begaan met de Oekraïne. Er is binnenkort (woensdag a.s. meen ik) een symposium over in de VU. Eén van onze oudsten van XRDS komt uit dat land en zal er ook kort iets zeggen. Misschien heb je er belangstelling voor. So long, Paul.

    1. Bedankt voor je reactie! Allereerst veel sterkte voor je vriend. Heel erg als zoiets gebeurt en ineens is al het ‘wereldniieuws’ dan ver weg. Ik hoop dat jij iets voor hem en zijn omgeving kunt betekenen! Veel wijsheid en kracht gewenst!

      Ja, ik vraag me ook af of alle ‘bevrijdingsfeesten’ nog wel in relatie gebracht kunnen worden met de bevrijdende afloop van een gruwelijke oorlog. Hoe verder we ervan af komen te staan, hoe lastiger het zal worden het juiste perspectief te behouden. Ik ben me ervan bewust dat dit tegenstrijdig klinkt. Je hebt ‘directe bronnen’ nodig en kennis van de context om een afgewogen oordeel te kunnen vormen. De historici hebben de schone taak steeds weer die context te bestuderen en ik hoop dat zij in het publieke debat ook de kans krijgen om al te gemakkelijke claims te weerleggen en in plaats daarvan te nuanceren en relativeren. Veel media zijn zo ‘hijgerig’ dat er amper nog plaats is voor rustige reflectie. Daarom moeten we lange blogs schrijven 😉 Gelukkig zijn er ook nog veel goede journalisten die wel de diepte induiken en achtergronden en duiding bij het nieuws geven.

      De ‘bevrijdingsfeesten’ van nu lijken soms ook gewoon de zoveelste aanleiding voor een massale party. Mij trekt dat persoonlijk niet aan. Tegelijk moet ik zeggen dat ik de waardige wijze waarop de doden op 4 mei in dit land massaal worden herdacht nog steeds heel indrukwekkend vind. Inmiddels is de oorlogsgeneratie bijna uitgestorven, maar de herdenkingen blijven heel respectvol.

      De koppeling aan ‘eigentijdse conflicten’ moet m.i. niet te snel gemaakt worden. De geschiedenis is, zoals ik schreef ‘onherhaalbaar’ en elke situatie is anders. Dat bleek bijvoorbeeld toen Nederlanders na de oorlog werden ingezet in ‘ons’ Indië. Achteraf bezien hadden we daar niets te zoeken en de situatie was vlak na de Tweede Wereldoorlog onoverzichtelijk. Ik denk dat het moeilijk is om snel standpunten in te nemen over de conflicten in onze tijd. Het is nooit zwart-wit en we worden allemaal beïnvloed door politiek en media. En achteraf weten we allemaal wat we hadden moeten doen. Bijvoorbeeld in Srebrenica…

      De situatie in en rond Israël is helemaal complex en beladen. Het gaat niet om internationale voetbalwedstrijden waarbij je op gevoel kunt zeggen welk land je steunt. Loyaliteit en schuldgevoel kunnen ook een rol spelen. Ik denk nu met name aan de sympathie voor Israël die ik bij veel christenen aantref (ook bij mezelf). Je zult maar geboren worden in bezet gebied – zonder reëel perspectief op een stabiele toekomst. Je zult maar voortdurend blootgesteld worden aan een gevoel van uitsluiting en aan media die voortdurend polariseren / demoniseren.

      Zalig zijn de vredestichters…

Zeg iets terug op Vrijspraak

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s